Een Belgische student uit Leuven heeft ook in hoger beroep geen celstraf gekregen voor de verkrachting van een medestudente. De uitspraak is daarmee gelijk aan die van de rechtbank in eerste aanleg.
Over die eerdere beslissing was in België veel te doen. Rechters kregen het verwijt zich schuldig te maken aan klassenjustitie. De ophef leidde tot demonstraties en een brede maatschappelijke discussie. Ook in hoger beroep komt het hof echter tot hetzelfde oordeel.
De student zat fout, maar volgens het hof was sprake van een verkeerde inschatting. De studente met wie hij de nacht doorbracht, was zo dronken dat zij niet kon instemmen met seks. De volgende dag zei de vrouw zich niets te herinneren, waarop hij haar vertelde wat er was gebeurd. Vanaf dat moment was hij zich bewust van zijn schuld, aldus het hof.
Volgens het hof is die maatschappelijke onrust ook van belang voor de uitspraak: de mediastorm en haatcampagnes hadden veel invloed op hem, op zijn gezin en op het slachtoffer. Hij krijgt een voorwaardelijke celstraf. Als hij binnen vijf jaar opnieuw de fout ingaat in een zedenzaak, moet hij alsnog de gevangenis in.

