Vorige week heeft de Hogeschoolraad ingestemd met de reorganisatiebesluiten van het college van bestuur. Het gaat om drie HU-eenheden waar zo’n reorganisatie nodig is: het Instituut voor Social Work, de dienst OO&S én het Teaching and Learning Network. Die instemming is wettelijk gezien nodig, en omvat ook de zogeheten was/wordt-lijst; een overzicht van functies die blijven of verdwijnen.
Om hoeveel fte het in totaal gaat, willen betrokkenen nog niet zeggen. Wel is duidelijk dat het bij OO&S gaat om een vermindering van ongeveer 20 fte, op een totaal van zo’n 190 begin dit jaar. Bij het veel kleinere TLN (dat trainingen voor docenten verzorgt) werd ruim een half jaar geleden gesproken over een bezuiniging van 30 naar 14 fte; de reorganisatie gaat over een kleiner deel, de functies met een vaste hoofdaanstelling. Bij Social Work gaat het om meer fte, maar is de omvang nog onduidelijk en verloopt het proces al langer met horten en stoten.
Het duurde even, vertelt HSR-voorzitter Post in een mondelinge toelichting. ‘Het is voor het eerst in heel lange tijd dat de HU met reorganisaties te maken heeft. Dus het was voor ons en het cvb ook zoeken. De reorganisaties hebben nou eenmaal gevolgen voor het personeel, dat kan ingrijpend zijn. Dan gaat zorgvuldigheid voor haastwerk.’
Daarnaast was het volgens Post soms even zoeken wie waar over gaat. ‘Soms ligt het bij het cvb, dan weer bij de directeur. We willen de inhoud graag decentraal houden, maar soms hoort het gesprek ook op een centrale tafel.’
Vrijwillige fase
De uitvoering van het plan ligt vooral bij de organisatieonderdelen zelf. Toch probeert de HSR een vinger aan de pols te houden. Post: ‘Als er iets ontstaat wat voor de dienst goed gaat, maar niet voor de HU als geheel, kunnen we nog om aanvullingen vragen. Of als er echt een blinde vlek in de plannen zit. Maar vooralsnog is dat puur hypothetisch.’
De reorganisatie begint met een vrijwillige fase, waarin doorstromen en uitstromen wel wordt gestimuleerd maar niet verplicht. Het gaat dan meestal om een periode van (ongeveer) een jaar. Als na die periode de reductiedoelen nog niet worden behaald, behoren gedwongen ontslagen wel tot de mogelijkheid. ‘Het doel is om nooit in een gedwongen fase te komen’, vertelt Post.
Hij was blij met de gesprekken die gevoerd werden met het cvb en directeuren. ‘Je merkt dat je echt gezamenlijke uitgangspunten hebt. Er zijn verschillende perspectieven mogelijk, maar altijd vanuit de verbinding.’
Ook het cvb laat in een reactie weten dat het gaat om ‘een mooi gezamenlijk proces’.
Dat het achter gesloten deuren gebeurde, was een keuze van het cvb die Post wel begrijpt. ‘Er was veel te verkennen. Dat zorgt voor spannende gesprekken, soms over functies die mogelijk boventallig worden. Onze meningen konden van week tot week verschuiven, en voortijdige publiciteit hierover zou het gevoel van onzekerheid vooral vergroten.’
Het cvb meldt dat het de keuze voor vertrouwelijkheid nog zal evalueren ‘bij het vinden van een goede balans tussen zorgvuldigheid en snelheid van communiceren over de inhoud.’
Bezuinigingen
De reorganisaties zijn in feite de uitwerking van de bezuinigingsoperatie die voor de HU begon in april 2025. Toen is afgesproken dat de HU 19 miljoen moet bezuinigen, op een begroting van 470 miljoen. Veel instituten en diensten lijken die doelen te halen zonder een reorganisatie nodig te hebben. Bij Social Work kampen ze echter al langer met teruglopende studentenaantallen. Bij OO&S was het probleem groter doordat er tegelijkertijd tijdelijke middelen wegvielen (zoals de gemeenschapsgelden). Vandaar dat een reorganisatieverzoek daar wel nodig was.


