Afvalscheiding bij de HU: Wat is nou waar?

Op alle locaties van de HU staan verschillende sets afvalbakken. Bij de ene zit PMD, bij de andere GFT. Waar stonden die afkortingen ook alweer voor? En heeft dat scheiden wel zin? Vanaf 27 mei verandert het systeem compleet.

Containers van de HU / Foto: Kees Rutten

Je koffiebekertje, boterhamzakje en  sinaasappelschillen: waar gooi je ze in? Op alle locaties van de HU staan verschillende sets afvalbakken. Bij de ene zit PMD, bij de andere GFT. Waar stonden die afkortingen ook alweer voor? En heeft dat scheiden wel zin? Vanaf 27 mei verandert het systeem compleet.

Dora Spronk, sinds twee jaar verantwoordelijk voor de afvalscheiding bij de HU wil vandaag het verhaal eerlijk vertellen. ‘We hebben een valse start gemaakt, we werden ingehaald door de feiten. Idealen prima, maar het moet haalbaar zijn’.

In  2014 formuleert de Hogeschool Utrecht de volgende doelstelling: In 2020 moet 80 procent van het afval worden gescheiden. De overige 20 procent mag restafval zijn. Een extern bureau geeft als advies:  ‘Ga zo snel mogelijk afval scheiden en zet overal verschillende soorten afvalbakken neer.’ Als het aan de voorkant gescheiden wordt, zal de achterkant vanzelf mee doen, zo is de gedachte.  Maar het blijkt onmogelijk om een afnemer te vinden die alles ook gescheiden kan verwerken. Het resultaat? Alles belandt op een hoop en wordt verbrand in China en Polen.

Spronk krijgt vragen  van studenten. ‘Waarom moeten wij op school afval scheiden als het daarna allemaal op dezelfde afvalberg belandt?’ Ze begrijpt de vraag en de verontwaardiging, maar kan geen uitleg geven voordat ze zelf het naadje van de kous weet. Het duurt ruim een jaar voordat ze alle feiten over afvalverzameling boven tafel heeft.

Haar conclusie? De gemeenten krijgen van de overheid subsidie voor het scheiden van PMD (Plastic, Metaal, Drinkverpakkingen) . Daar volharden ze in, zonder dat het werkt. Want de afvalboeren krijgen het volgens Spronk niet verwerkt. Spronk: ‘PMD is niet te scheiden, het is te vies, te divers en te gevoelig voor vergissingen van de consument. Daarom wordt het verbrand, altijd.’

‘PMD is niet te scheiden’

Met die conclusie in het achterhoofd begint Spronk in september 2018 een pilot met drie stromen afval: koffiebekers, plastic en ‘de rest’. Medewerkers, schoonmakers en studenten worden geïnformeerd en het blijkt algauw een succes. Het afval blijkt goed te scheiden aan de bron en, nog belangrijker, aan de achterkant.

Om deze pilot in de hele HU te kunnen doorvoeren werkt Spronk  sinds begin april alleen nog maar met afvalboer Suez. Hiervoor deden Scherpenzeel en Renewi ook mee, maar Spronk wilde een bedrijf dat voorop liep in afvalscheiding en met haar mee kon denken. Bovendien wilde ze met één organisatie werken, in plaats van met meerdere, voor het overzicht.


‘De mens is een gemakzuchtig wezen’

Over drie weken, op 27 mei is het zover. Dan worden de vijftig setjes afvalbakken geleverd. En dan begint het pas. Iedereen die inmiddels een hard hoofd had in het scheiden van afval op de HU moet weer even tot de orde worden geroepen. Ook de schoonmakers hebben nieuwe instructies nodig. Dat laatste is een uitdaging, want ze spreken niet allemaal Nederlands. Ze krijgen gekleurde zakken en pictogrammen. Die pictogrammen hingen er eerst ook voor de studenten en de medewerkers. Grote borden met teksten pictogrammen boven de afvalbakken om te laten zien waar al het afval in moest. Totdat bleek dat iedereen vooral naar beneden keek. Dus haalden ze de borden weg en lieten dezelfde informatie op vloerstickers drukken.

Spronk: ‘We dachten ook dat het een goed idee zou zijn om plastic te vervangen voor glas. Dat is namelijk het enige materiaal dat je honderd procent kan hergebruiken. Dus  introduceerde de horeca aan de HU glazen flesjes in plaats van plastic. Alleen waren er nergens glasbakken. Dus begonnen de schoonmakers foto’s te sturen van die flesjes die naast de prullenbakken werden gezet. Spronk: ‘De mens is een gemakzuchtig wezen. Exit glazen flesjes maar weer’.

Spronk heeft regelmatig de studenten om hulp gevraagd: ‘Jongens, dit is complex, wie denkt ermee?’ Maar dan bleef het stil. Ze snapt dat wel. ‘Er bestaan veel kleine initiatieven in Nederland, maar die zijn niet voor niets heel duur. Het is lastige materie en bij elke stap moet je je afvragen of het niet averechts werkt.’


‘Misschien zijn we te hygiënisch in bepaalde opzichten’

De HU besloot vijf jaar geleden ook dat de onderwijslokalen het zonder afvalbakken moesten doen. In Japan zijn  ook nergens afvalbakken en nemen de mensen hun afval mee naar huis. ‘Nou,’ zegt Spronk, ‘dat bleek bij ons niet te werken hoor. Als je aan het eind van de dag gaat kijken in die lokalen word je daar niet blij van. Maar we passen het beleid niet aan. De aanhouder wint, het is een kwestie van gedrag.

Overigens sorteert de HU, buiten de standaard afvalbakken voor studenten en medewerkers om, ook andere materialen. Horecagelegenheden bijvoorbeeld, die hebben allemaal een GFT-bak en een glasbak. ‘En bij de klinieken scheiden we de naalden, de batterijen, de dode dieren en de verpakkingsmaterialen. ‘Ook het zachte plastic, waarmee we alles aangeleverd krijgen, houden we apart. Daar kun je hele mooie dingen mee doen. De koffiedroes uit de automaten scheiden we ook.’

De toekomstdroom van Spronk? ‘Het mooiste is als we die afvalbakken op een dag helemaal weg kunnen halen. Want het beste is nog steeds om niks te kopen wat afval produceert. Je kunt gewoon een beker meenemen van thuis. Omspoelen is prima, je hoeft niet altijd alles te wassen met zeep. Misschien zijn we te hygiënisch in bepaalde opzichten. Maar goed. Stapje voor stapje komen we er wel, daar ben ik van overtuigd.’

Wat gebeurt er met ons HU-afval?

Drie afvalstromen kent de HU: koffiebekers, plastic en restafval. De eerste stroom, de bekers, belandt in een speciaal bad. Daarin worden de twee materialen van de koffiebekertjes van elkaar losgeweekt. De cups bestaan uit een papieren en een plastic coating. Dus niet uit rietsuiker, zoals voorheen. Rietsuiker was een leuk idee, maar het duurt anderhalf jaar voor die bekertjes vergaan. En niemand heeft plaats voor die enorme velden met halfvergane koffiebekers waar ze op moeten worden uitgespreid.

Van het plastic laagje uit de koffiebekers maken ze korrels voor bijvoorbeeld tuinstoelen. Het papier eindigt als tweedekeus toiletpapier. Een duur en bewerkelijk proces, dat maar op twee locaties in Nederland mogelijk is.

Het afval uit de tweede bak, het plastic, wordt gesorteerd in Duitsland. Van de verschillende soorten plastic maken ze korrels. En de derde bak, het restafval? Dat wordt verbrand. Dat is inmiddels 53 procent.

Wat zegt SUEZ?

Bas Mooij, accountmanager van Suez, zegt het volgende: ‘Inmiddels, een jaar na het starten van de pilot, kunnen we bij SUEZ het PMD voor 80 procent sorteren met onze machine in Rotterdam. De kans is groot dat we op termijn het PMD op de HU ook gaan scheiden. Maar dan misschien in drie verschillende afvalbakken, want hoe schoner de stroom, des te gemakkelijker het recycleproces. GFT wordt overigens in bunkers vermaakt tot biogas en van koffiedik maken we brandstof en we kweken er oesterzwammen op. Van blik maken we sinds een paar weken fietsvelgen en van de boterkuipjes maken we buggy’s. Het hergebruiken gaan razendsnel, elke week verzinnen we wel iets nieuws. Maar het belangrijkste blijft: het scheidingsgedrag van de consument.’

Reageer!
Deel via...

Geef een reactie Let bij het reageren op onze spelregels.

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 

2 reacties

  1. Dora Spronk (HU) zegt: ‘PMD is niet te scheiden, het is te vies, te divers en te gevoelig voor vergissingen van de consument. Daarom wordt het verbrand, altijd.’

    Bas Mooij, accountmanager van Suez, zegt: ‘Inmiddels, een jaar na het starten van de pilot, kunnen we bij SUEZ het PMD voor 80 procent sorteren met onze machine in Rotterdam.

    Als Spronk gelijk heeft dan is het goed dat de HU stopt met PMD, maar als Mooij gelijk heeft dan moeten we juist wel doorgaan lijkt me? Hoe zit dit?