Columns

Column André Weststrate: Nog steeds zomervakantie

Een framboos drukt ze tegen haar gehemelte. ‘Dat is de beste manier’, zegt ze. Ik trek de gordijnen open. Spinnenwebben. 2011 Is al bijna drie weken aan de gang en ik ben voor het eerst in Utrecht. Geen enkele reden om in Utrecht te zijn ook. Eigenlijk. 
Kerstvakantie. Twee weken. Lesweekje. Studieweek. Tentamenweek. En weer een week vrij. Of wat je opleiding van die tussenweek maakt. Bij ‘ons’ is dat een oriëntatieweek. Oriënteren ligt al een paar jaar achter me. Rest me niks anders dan frambozen eten. Dure hobby wel. 
Ik zet een raam open om de muffe lucht uit mijn kamer te krijgen. De spijkerbroek die ik eigenlijk aan wilde, ligt nog in de wasmand. Blijkbaar. Dat betekent een dagje extra in m’n joggingbroek. Eerst drie weken was weg werken. Alle tijd. Geen school. Geen haast. Alleen tentamens. ‘Wie is Julian Assange?’ Meerkeuze ook nog. Leren hoeft niet op de HU.
Zij ligt wel te leren. Last van haar nek zelfs. Van het lezen. Of ik zo even wil masseren. Jajoh. Alle tijd. Geen school. Ik heb me namelijk voor het vijfde blok achtereen niet ingeschreven voor de tentamens. Voor mij is het altijd kerstvakantie. Sinds juni alweer. Of is het dan nog steeds zomervakantie?
Het wordt wel een dure zomervakantie op deze manier. Zeker als hij nog wat langer gaat duren. En dat gaat ie. Ben ik bang. Nog een jaar. Een jaar van bijna vijfduizend ekkies. Euro. Ook goed. Geen frambozen meer. 
Ik wil ook een framboos tegen mijn gehemelte drukken. Het sap langs mijn tanden op mijn tong voelen druppelen. De minuscule zaadjes die nog naknarsen tussen je tanden. Ze heeft alles al opgegeten. Alle frambozen. Weg. Te laat met inschrijven, te laat voor de frambozen. Zelfde verschil. Misschien is het tijd om te stofzuigen.