Decanen: snel besluit nodig over studieadvies tweedejaars

'Het niet hebben van duidelijkheid an sich veroorzaakt al veel stress’, meent teamleider Studentbegeleiding Frans Meeuwsen.

Teamleider Studentbegeleiding Frans Meeuwsen / foto: Femke van den Heuvel

Er moet snel een besluit komen over het al dan niet handhaven van het bindend studieadvies (BSA) voor tweedejaars studenten. De decanen maken zich zorgen over de studenten als dit uitblijft, zegt Frans Meeuwsen, teamleider Studentbegeleiding, na een inventarisatie bij de studentendecanen van de HU.

De telefoons staan nog niet roodgloeiend, maar de decanen bij de HU krijgen regelmatig telefoontjes van studenten en docenten over het bindend studieadvies in het tweede jaar. Het college van bestuur en de Hogeschoolraad (HSR) zijn het hierover niet eens, bleek tijdens de afgelopen gezamenlijke vergaderingen.

‘Het is van uitermate belang dat er snel besluitvorming volgt en dat hierover HU-breed wordt gecommuniceerd. Het niet hebben van duidelijkheid an sich veroorzaakt al veel stress’, meent Meeuwsen.

Het college wil dat de tweedejaars studenten aan het eind van dit studiejaar de benodigde 50 studiepunten uit de propedeuse hebben gehaald. Zo niet, dan krijgen ze een negatief BSA en moeten ze stoppen met de opleiding. Vanwege de corona-crisis kregen de eerstejaars vorig studiejaar een opgeschort BSA en mochten doorstromen naar het tweede jaar. Dat laatste geldt ook voor de huidige eerstejaars.

Negatief advies zonder afwijzing

De Hogeschoolraad (HSR) vindt dat er voor de groep tweedejaars een ‘generaal pardon’ moet komen. Studenten met te weinig studiepunten zouden een ‘negatief advies zonder afwijzing’ moeten krijgen. Ze krijgen dan wel een negatief advies, maar mogen verder studeren. Er is immers geen sprake van optimaal onderwijs omdat de meeste lessen en tentamens online gebeuren, stelt de HSR. Daarbij zijn er zorgen over de stages, missen zij de binding met de opleiding en is het studentenwelzijn ondermaats, blijkt ook uit onderzoeken.      

Aan de ene kant is zo’n maatregel voor die groep volgens de decanen te billijken. De formele maar ook de informele contacten zijn bij het online onderwijs voor een groot deel verdwenen, zegt Meeuwsen. ‘Dus studenten moeten meer motivatie uit zichzelf halen en daar is niet iedereen even goed in’, meent hij. Een alternatief zoals een studieplek bij de HU Bibliotheek biedt niet altijd voldoende soelaas. ‘Dan ontstaan er ongelijke kansen.’

Maar ook voor de opstelling van het college is veel te zeggen, menen de decanen. Een negatief BSA kan fungeren als een stok achter de deur om te studeren en studiepunten te halen. Studenten die te weinig punten halen vanwege persoonlijke omstandigheden kunnen – net als anders – een ‘negatief advies zonder afwijzing’ vragen bij de examencommissie. Ook geven de cijfers van het gemiddeld aantal behaalde studiepunten en aantallen studiestakers geen reden om het BSA opnieuw uit te stellen, stelde het college.

Misschien moeten stoppen

Meeuwsen: ‘Het is mogelijk dat er nu studenten in het tweede jaar zitten en al weten dat ze de norm van 50 studiepunten niet meer kunnen halen en dus misschien moeten stoppen. Ze staan nu dus ingeschreven en betalen collegegeld omdat ze niet weten wat er met het BSA gaat gebeuren.’

Een soort ‘generaal pardon’ kan bij studenten de verwachting wekken dat het niet halen van studiepunten geen consequenties heeft. Dat heeft ‘negatieve effecten’, zei collegevoorzitter Jan Bogerd eerder tijdens een vergadering met de HSR. Waarschijnlijk doelt hij op het risico van een groeiend aantal langstudeerders.

Maar zou het ook kunnen zijn dat hij vreest dat studenten een rechtszaak aanspannen en met claims komen dat het onderwijs ‘niet studeerbaar’ is? Net als de studenten van de opleiding Medische Hulpverlening die enkele jaren geleden niet of moeilijk aan een stage konden komen omdat het nieuwe beroep nog niet bij het BIG-register geregistreerd was.

Inspanningsplicht onderwijs aan te bieden

Meeuwsen denkt van niet. ‘De HU heeft een inspanningsplicht onderwijs aan te bieden en daar heeft de hogeschool – met al die docenten en anderen die zich uit de naad werken – aan voldaan. Dit is een overmachtsituatie. De HU kon er niets aan doen dat in maart de hogeschool de deuren moest sluiten en we met z’n allen naar huis moesten. Voor zover het kon is het onderwijs, helaas voor een groot deel online, doorgegaan.’

De komende tijd moet blijken of het college van bestuur en de Hogeschoolraad het eens worden over dit onderwerp. Op deze woensdag 3 februari staat het BSA weer op de agenda bij een expertgroep van de HSR.

Ook interessant: Lector Organisaties in Digitale Transitie: ‘Het onderwijs gaat te veel in op de inhoud’

Volg ons op Instagram
Reageer!
Reageer!
Deel via...

Geef een reactie Let bij het reageren op onze spelregels.

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *