Achtergrond

Eerstejaars uit 2014: viel het mee of tegen?

Een jaar geleden vertelden vier eerstejaars aan Trajectum hun verwachtingen. Nu blikken ze terug als bijna-tweedejaars. Wat viel er mee en wat viel tegen bij Bram, Hanneke, Emma en Lianne? 

‘Dit jaar was alles nieuw

Journalistiekstudent Bram Meegens (20) kijkt tevreden terug op zijn eerste jaar. ‘Het was een mooi jaar waarin alles nieuw was: studeren, op kamers gaan en leven in een grote stad. Ik deed elke dag iets voor het eerst.’

Wat viel mee?
‘Op mezelf gaan wonen! Ik dacht dat het best pittig zou worden, maar als je wat structuur aanbrengt is het goed te doen. Ik was natuurlijk gewend dat er thuis een beetje voor me gezorgd werd en dat is nu niet meer. Het huis is een bende en zelf koken lukt niet altijd even goed. Ik eet wat vaker pizza of lasagne dan gepland, maar het bevalt heel goed!’

Wat viel tegen?
‘Studeren bleek vrij lastig. Je docent vertelt niet meer wat je wanneer moet doen, je moet echt zelf plannen en dat is niet mijn sterkste kant. Het ging de ene periode wat beter dan de andere, maar ik ben goed over naar het volgende jaar.’

Ga je je studie afmaken?
‘Ik ga in ieder geval aan het tweede jaar beginnen, want een toekomst als journalist in buitenlandverslaggeving zie ik wel zitten. Aan het einde van m’n tweede jaar ga ik misschien auditie doen voor het conservatorium. Het is altijd mijn droom geweest om daar beter te leren drummen. Ik wil het in ieder geval proberen, maar pas nadat ik m’n propedeuse heb gehaald.’

‘De eerste week kon ik wel janken!’

Hanneke de Moed (20) meldde zich met een mbo-diploma doktersassistente bij de HU omdat ze liever verpleegkundige wilde worden. Het eerste jaar in het hbo viel mee. ‘Ik had veel aan m’n ervaring op het mbo. En ik ben van mijn ouderlijk huis in Houten naar Utrecht verhuisd. Het is leuk om je eigen dingen te kunnen doen en heel handig met stappen.’

Wat viel mee?
‘Ik zag enorm op tegen m’n eerste stage. Op school zeiden ze: “Als dit je niet bevalt, is deze opleiding misschien niets voor jou.” Dat vond ik nogal wat. Ik ging basiszorg verlenen in een verzorgingstehuis en vond het superleuk! De komende jaren hoop ik me te kunnen specialiseren in zorg voor ouderen en chronisch zieken. Ik zie mezelf al m’n eigen spreekuur houden in een huisartsenpost, waar ik bijvoorbeeld mensen met diabetes en een hoge bloeddruk begeleid.’

Wat viel tegen?
‘Dat er zo weinig persoonlijke begeleiding is. Ik wist niet goed wat ik moest doen en docenten konden me daar ook niet goed bij helpen. De eerste week kon ik wel janken, ik dacht echt dat ik het niet kon! Met hulp van studiegenoten en vriendinnen ging het snel beter, je groeit er echt in. Ik vind het trouwens jammer dat de hogeschool niets organiseert als je je propedeuse haalt. Nu heb ik met een klasgenootje afgesproken dat we in galajurk met een fles champagne in de hand ons papiertje gaan afhalen bij de balie.’

‘Je mag kiezen uit opties A, B, C of C’

‘M’n studie is super leuk, maar op de opleiding is het een bende’, vertelt Emma Snijders (19) aan het einde van haar eerste jaar maatschappelijk werk en dienstverlening (MWD): ‘Het eerste blok wist ik niet waar ik het moest zoeken en wist ik niet zeker of ik het zou redden. In het tweede blok bedacht ik me: als niemand me helpt, doe ik het zelf. En nu gaat het prima!’

Wat viel tegen?
‘De kwaliteit van het onderwijs: gastdocenten die incapabel waren of uitvielen en niet werden vervangen; cijfers die laat of verkeerd werden ingevoerd; grove fouten in multiplechoicetesten, met antwoordopties A, B, C en C, tja…; en niemand die je kan vertellen hoe het moet. Het ging niet soepel, maar ik heb het gehaald.’

Wat viel mee?
‘De ervaren docenten die we hadden, waren een verademing! En m’n stage viel ook mee. Een half jaar werkte ik een dag per week bij ‘Handje helpen’. Via hen hielp ik mensen met boodschappen doen, met hun financiën of kon ik even een luisterend oor zijn. Dat was pittig, maar ook heel mooi.’

Ga je je studie afmaken?
‘Dat ben ik van plan, want ik wil in de zorg werken. Een collega zei laatst: “Het wordt een zwaardere baan dan je denkt en het betaalt minder dan je hoopt, maar het is heel mooi.” Ik denk dat ie gelijk heeft.’

‘Van de twintig klasgenoten zijn er nog zes’

Lianne Willekers (21) kijkt met een brede glimlach terug op haar eerste jaar sociaalpedagogische hulpverlening (SPH). Na een stroef begin heeft ze in een jaar haar propedeuse gehaald: ‘Hiervoor had ik mbo-pedagogisch werk gedaan en ik dacht dat het aan zou sluiten, maar dat viel flink tegen. Het is op het hbo zwaarder dan verwacht en het eerste blok vond ik leuk maar pittig.’

Wat viel tegen?
‘Toen ik binnenkwam bij de eerste les en ontdekte dat ik al dingen had moeten lezen en voorbereiden, maar dat nog niet had gedaan omdat ik het niet wist. Toen had ik even het gevoel dat ik met 1-0 achterstond. Het duurde een halve periode voordat ik doorhad wat er moest gebeuren. Ik ben blij dat ik de draad op heb kunnen pakken want van de twintig studenten waarmee ik ben begonnen, zijn er nu nog maar zes op school. De rest is uitgevallen.’

Wat viel mee?
‘Het studentenleven bevalt me wel! Ik woon nog bij m’n ouders in De Meern, maar met de bus of op de fiets ben ik zo in De Uithof of de stad. Als ik volgend jaar m’n propedeuse heb en de studiedruk iets is afgenomen, wil ik misschien bij een studentenvereniging. Unitas en Veritas spreken me aan. Het afgelopen jaar had ik zo’n lidmaatschap er niet bij kunnen doen, maar als ik volgend jaar tijd heb ga ik er zeker werk van maken.’