medezeggenschap verkiezingen 2026

Hoe laat je de stem van medewerkers horen in turbulente tijden?

Heike van Rossum. Foto: Kees Rutten

Onzekerheid over bezuinigingen en een mogelijke reorganisatie houdt veel medewerkers van HU Diensten bezig. De Dienstenraad probeert in die turbulente periode de stem van de werkvloer bij het bestuur te laten horen. Maar lukt dat wel?

Voor een soepel verloop van het onderwijs aan Hogeschool Utrecht is meer nodig dan een collegezaal. Achter de schermen draait een hele machine, genaamd HU Diensten. Daar zorgen medewerkers voor goed werkende ICT-systemen, ondersteuning voor studenten, nieuwe collega’s via HR, communicatie en nog veel meer. In totaal werken er 825 fte. En net als instituten, opleidingen en kenniscentra heeft ook deze tak van de HU zijn eigen medezeggenschap: de HU Dienstenraad.

Juist nu, in een periode van bezuinigingen en een mogelijke reorganisatie, voelt die medezeggenschap extra relevant. Dienstenraadvoorzitter Heike van Rossum merkt dat medewerkers onrustig zijn. Onzeker zelfs. Maar wat kun je daar eigenlijk mee als medezeggenschapsorgaan?

Kent de HU door en door

Van Rossum kent de HU door en door. Toen ze begin jaren negentig afstudeerde als jurist, stapte ze over van de universiteit naar de Hogeschool Utrecht. En ze bleef. ‘Ik kwam als kersverse student binnen en wilde zien hoe er aan de andere kant aan toe gaat,’ blikt ze terug.

Dat betekent niet dat ze al die jaren op dezelfde plek bleef zitten. Integendeel: ze zag zo’n beetje elke hoek van de organisatie en bekleedde verschillende functies. Inmiddels werkt ze als beleidsadviseur bij OO&S. In 2023 kwam er een plek vrij in de Dienstenraad toen een collega met zwangerschapsverlof ging. Van Rossum kende de verhalen al (haar collega vertelde er altijd enthousiast over) en besloot de stap te zetten. ‘De eerste maanden was het vooral bijbenen. De rest van de raad zat namelijk midden in hun termijn.’

Maar het beviel haar goed. Zo goed zelfs dat ze in 2024 voorzitter werd.

De interesse voor medezeggenschap sluimerde overigens al langer. ‘Twintig jaar geleden vond ik het al belangrijk,’ zegt ze. ‘Maar het kwam er steeds nét niet van. Ik had het te druk, en ik had ook leidinggevende functies. Dan kun je niet in de raad.’

Geen vergaderfan

Als voorzitter voelt ze zich op haar plek. Vooral omdat ze weet waar haar talent ligt. ‘Ik ben een slechte notulist, maar een goede voorzitter.’ Dat betekent overigens niet dat ze dol is op lange vergaderingen. Integendeel. ‘Ik wil efficiënt vergaderen. Dus meestal duren ze niet langer dan 2 uur, inclusief pauze. Daarna zakt de concentratie toch weg.’

Dat vraagt wel wat van de andere raadsleden. ‘Je moet de stukken van tevoren gelezen hebben. En je moet je ook niet verkiesbaar stellen als je geen zin hebt om in dossiers te duiken.’

In de Dienstenraad zitten negen mensen. Idealiter afdeling van HU-diensten levert één vertegenwoordiger: Informatiemanagement & ICT, Finance, Control & Analytics, HR en Marketing & Communicatie. De twee grootste afdelingen (OO&S en Bedrijfsvoering) hebben elk twee zetels.

Bezuinigen zorgen voor onzekerheid

Als voorzitter fungeert Van Rossum als spreekbuis voor medewerkers. En die stem klinkt momenteel luider dan ooit. De aangekondigde bezuinigingen binnen HU-diensten en de verkenning tot reorganisatie bij de dienst Onderwijs, Onderzoek & Studentzaken (OO&S), een afdeling van HU-diensten, zorgen voor veel vragen op de werkvloer.

‘Word ik straks ondergebracht in een ander team? Bestaat mijn team nog wel? Wat gaat er precies gebeuren?’ Dat soort vragen hoort Van Rossum regelmatig. Zelfs woorden kunnen al onrust veroorzaken. ‘Zo’n term als “verkenning reorganisatie” maakt mensen nerveus. Iedereen wil duidelijkheid, maar die is er nog niet altijd. Dan hoort onzekerheid er helaas ook bij.’

De Dienstenraad kan bezuinigingen of reorganisaties niet tegenhouden. Die besluiten worden hoger in de organisatie genomen. Wat de raad wel kan, is signalen opvangen. ‘Wij luisteren naar medewerkers en hebben adviesrecht. Daarmee kunnen we directeuren adviseren, bijvoorbeeld over hoe ze personeel beter kunnen informeren.’

Die gesprekken kunnen stevig zijn. ‘Maar altijd constructief. We proberen directeuren te bewegen om dingen te verduidelijken en transparanter te zijn.’

‘Je hebt invloed’

Dat bleek bijvoorbeeld tijdens een recente bijeenkomst waarin de directeur van OO&S medewerkers bijpraatte over de stand van zaken rond de reorganisatieverkenning. Veel aanwezigen hoopten op meer duidelijkheid, maar die bleef uit. ‘Dat hoorden we tijdens een inloopmoment dat wij daarna organiseerden. Mensen dachten dat ze eindelijk nieuwe informatie zouden krijgen, maar dat viel tegen.’

Juist daarom vindt Van Rossum het belangrijk dat medewerkers weten dat ze via de Dienstenraad invloed hebben. De raad hoort immers een afspiegeling van het personeel te zijn. En het geluid van de werkvloer blijft niet alleen bij de directeur hangen. ‘We hebben ook veel contact met andere medezeggenschapsraden, zoals de HSR. Die gaan over centraal beleid. Via hen kunnen we dus ook invloed uitoefenen.’

Weer kandidaat

Zelf stelt Van Rossum zich dit jaar opnieuw kandidaat. Dat heeft vooral met verantwoordelijkheidsgevoel te maken. ‘De bezuinigingen gaan nog wel even door, sowieso tot 2028. Ik wil dat proces blijven volgen. Het is een grote opgave voor ons allemaal, en ik wil bijdragen aan een goed functionerende medezeggenschap.’

Voor collega’s die overwegen zich ook kandidaat te stellen, heeft ze een simpele tip: ‘Je moet van dossiers lezen houden.’ En nee, dat is volgens haar niet saai. ‘Je ziet welke strategische keuzes worden gemaakt. Keuzes die impact hebben op heel veel mensen.’

Ook dit jaar staan er verkiezingen voor de medezeggenschap op de agenda. Studenten en medewerkers kunnen zich verkiesbaar stellen voor de Hogeschoolraad of een van de verschillende instituutsraden. Wie mee wil praten en beslissen, kan zich tot en 23 maart kandidaat stellen. De verkiezingen zelf vinden plaats van 1 juni tot 8 juni.

Ook thuis probeert ze de medezeggenschap te promoten. Met wisselend succes. ‘Mijn jongste dochter is drieëntwintig en studeert Rechten in Nijmegen. Ze werkt daarnaast om haar studentenleven te bekostigen, dus zij heeft er geen tijd voor. Eveneens als mijn oudste die een fulltime baan met een masteropleiding combineert. Mijn middelste dochter werkt bij een ministerie. Die zou er wel een type voor zijn. Dat heeft ze van mij, denk ik’, lacht ze.