Achtergrond

Hoe thuis voelen mijn studiegenoten zich aan de HU?

Tessa de Prie. Foto: Kees Rutten

Journalistiekstudent Tessa de Prie verbaast zich over het gebrek aan verbondenheid van veel medestudenten. Ze ging op pad en vroeg drie HU-studenten hoe zij dit ervaren.

Ik baal bijna dat de kerstvakantie eraan komt. Elke dag ben ik weer blij om mijn vier vriendinnen hier te treffen. Ik maak gemakkelijk contact, dat helpt. Maar hoe voelen andere studenten zich die hier rondlopen? Ik vroeg eens rond. Drie studenten van de Heidelberglaan 15 vertellen me hoe zij de HU ervaren.

Het mentale welzijn keldert, vooral onder jongeren. En fijne school helpt daar wel tegen. Voelen studenten zich prettig hier? Niet iedereen zit te wachten op mijn impertinente vragen. Gelukkig willen Yasmin van der Burch (21, Journalistiek), Mik van de Wit (21, Communicatie) en de Spaanse Martina Rodriguez (21) me te woord staan. 

‘De sfeer voelt niet warm’

Het eerste wat ik ze vraag is of ze zich verbonden voelen met hun opleiding. ‘Niet bepaald’, antwoordt Yasmin daarop eerlijk. ‘Dat komt vooral doordat ik zelf weinig behoefte heb aan contact binnen mijn klas’, vertelt ze. ‘De sfeer voelt niet warm. En wat niet helpt is dit mijn opleiding niet echt bij me past.’

Yasmin vertelt verder dat alles anders was in haar eerste jaar. Toen had ze een gezellig groepje meiden om haar heen. Tien maanden lang ging ze met plezier naar school. ‘Dat gaf me de motivatie om naar de lessen te komen en mijn toetsen te halen.’

Yasmin. Foto: Martina Rodriguez

De klassen worden ieder jaar gehusseld

Nu ziet Yasmin haar vriendinnen nauwelijks meer. ‘Doordat bij de opleiding Journalistiek de klassen elk jaar worden gehusseld,’ verklaart ze. ‘Dat maakt dat ik me nu niet meer thuis voel in de klas en ook de gedrevenheid kwijt ben om door te zetten.’ Ze geeft vooral zichzelf daarvan de schuld. En de woningnood helpt ook niet. ‘Ik kon geen kamer in Utrecht vinden en door mijn reistijd ga ik liever meteen na de les naar huis.’

Over het belang van vrienden in de klas kan Mik meepraten. Hij doet Communicatie en heeft aan zijn vorige opleiding (Journalistiek) een aantal vrienden overgehouden. Daar gaat hij nog wekelijks mee naar de HideOut. Zij stimuleren hem om zijn opleiding goed te doen, denkt hij. ‘Mijn mentale gezondheid verbetert erdoor, waardoor ik het leuker vind om naar mijn lessen te komen.’

Mik. Foto: Martina Rodriguez

‘Ik voel me hier gezien en gehoord.’

De enige die onomwonden jubelend is over haar thuisgevoel aan de HU is Martina. Deze buitenlandstudent voelt zich als een vis in het water bij haar opleiding en haar medestudenten. ‘Mede dankzij de vele contacturen bij Journalistiek’, verklaart ze. ‘En dankzij het feit dat studenten in mijn klas voortdurend Engels willen praten. Zodat wij internationale studenten ons thuis voelen. Ik heb nu ook Nederlandse vrienden.’

‘Het is hier heel anders dan in Spanje’, vindt Martina. ‘Daar is niemand betrokken of gemotiveerd. Ik zie er weinig medestudenten dat maakt het studeren voor mij daar eenzaam. ‘Hier staat iedereen open voor gezelligheid en het ondernemen van activiteiten.’ Maar studenten ontmoeten buiten haar klas om? ‘Dat is lastig. Vanwege de taalbarrière.’

Martina Rodriguez. Foto: Martina Rodriguez

De café’s maken het verschil

Ik vraag aan mijn drie kandidaten of ze vinden of er genoeg ontmoetingsplekken zijn. ‘Zeker’, antwoordt Mik. Voorheen studeerde hij in Tilburg. ‘Daar had je ze überhaupt niet. Het schoolgebouw was niet gezellig en er was weinig contact tussen medestudenten. Ik wilde direct naar huis als ik daar was. Ik werd er somber van en daardoor stopte ik na een halfjaar.’

‘Er is hier in de straat genoeg horeca’, vindt Yasmin. Ze is weleens in de HideOut geweest en ervaart het als een fijne plek. ‘Verder trekt de omgeving van de hogeschool me niet zo. Er zijn geen fijne werkplekken.’ Dat is in de binnenstad van Utrecht wel anders, vertelt ze. ‘De omgeving hier op het Science Park is koud. Het voelt ook niet alsof je in Utrecht studeert, het zou overal in Nederland kunnen zijn. Ik zou veel liever in het centrum zitten.’ 

Yasmin. Foto: Martina Rodriguez

Mik brengt veel uren door in de Hideout. ‘Die café’s maken voor mij het verschil. Ze moeten wat mij betreft zo laat mogelijk openblijven zodat medestudenten die tot laat les hebben ook kunnen aansluiten.’ Dat is Martina met hem eens. ‘Voor mij als buitenlandstudent is het heerlijk om hier een plek te hebben waar ik na de lessen met mijn medestudenten heen kan gaan om elkaar beter te leren kennen.’

Ligt het aan jezelf of aan de school?

Ligt het aan jullie, dat gebrek aan verbondenheid? Of aan de school? Je kunt alles bij de organisatie leggen, maar hoe zit je zelf in elkaar? Een ongemakkelijke vraag van mijn kant. Yasmin denkt even na. ‘Er zijn hier genoeg feesten en activiteiten. Als ik actiever was, zou ik meer vrienden kunnen krijgen. Maar ik kom niet tot mijn recht in grotere groepen.’

‘Ik vind het gewoon een hele opgave om buiten mijn klas om contact te leggen’, verklaart Mik. ‘Dat vind ik jammer, want het is belangrijk om kennissen te hebben. Bij mijn vorige opleiding, Journalistiek, ging dat gemakkelijker vanwege de actieve studievereniging.’ Bij Communicatie mist Mik de buitenschoolse activiteiten. ‘Die worden nauwelijks georganiseerd.’

Mik. Foto: Martina Rodriguez

‘Het ligt niet aan de docenten’, benadrukt Mik. ‘Zij moedigen mij aan mijn medestudenten ook privé te leren kennen. Ze vragen ook hoe je je voelt en doordat ze daar de tijd voor nemen, voel ik iets meer verbintenis met mijn medestudenten. Toch gaan de meesten van ons vaak na de les meteen naar huis.’ 

Conclusie: bezuinig niet op openingstijden

Na deze gesprekken fiets ik naar huis. Yasmin, Mik en Martina voelen zich niet – of juist heel erg thuis hier. Wat kan ik nu voor conclusies verbinden met deze steekproef van drie? Dat de HideOut belangrijk is? Dat het husselen van die klassen niet zo’n goed idee is? Dat buitenlandstudenten het blijkbaar goed naar hun zin hebben?

Ik denk in ieder geval dat het college van bestuur er goed aan doet om niet te bezuinigen op de openingstijden van de Science Cafés. Überhaupt niet op de openingstijden van de HU-panden. En vooral niet op studieverenigingen en op docenten. En laten we hopen dat het kabinet een beetje opschiet met het oplossen van de woningnood.

Ik prijs me gelukkig met mijn vriendinnen aan de HU. En ik neem me voor om vanaf het nieuwe jaar mijn medestudenten van buiten de stad vaker voor te stellen op mijn bank te blijven overnachten. Prettig kerstfeest allemaal.