Raad van State: spoedwet hoger onderwijs wringt

De Raad van State plaatst kanttekeningen bij de spoedwet die snelle invoering van leerrechten in het hoger onderwijs mogelijk moet maken. Staatssecretaris Bruins is het daar niet mee eens.

In de wet die 10 oktober openbaar werd, worden zaken als medezeggenschap en de rechtspositie van individuele studenten geregeld. De tekst is grotendeels afkomstig uit de conceptwet op het hoger onderwijs die dit voorjaar al openbaar werd. De kans dat deze ‘grote’ wet voor 1 september 2007 wordt goedgekeurd is nihil. Omdat de leerrechten wel op die datum kunnen worden ingevoerd, eiste de Tweede Kamer in een motie dat de randvoorwaarden hiervoor via ‘crashwetgeving’ in de bestaande wet WHW zouden worden gezet.
Bij de Raad van State onderschrijft men de urgentie van de spoedwet. Maar er is ook kritiek: de onderdelen uit de nieuwe wet die in de oude moeten komen, gaan volgens het belangrijkste adviesorgaan van het rijk uit van een andere bestuursfilosofie. De nu getoetste onderdelen van de conceptwet gaan uit van burgers die hun eigen verantwoordelijkheid nemen en minder op de overheid leunen. Terwijl de WHW vooral in het teken staat van de relatie tussen de overheid en de instellingen in het hoger onderwijs. En dus vindt de Raad de huidige wet geen goed kader voor de plannen die de Tweede Kamer op 30 oktober behandelt. De ‘zorgplicht’ die onder de kabinetten Balkenende in de mode is geraakt, was immers geen uitgangspunt bij de WHW.
Staatssecretaris Bruins deelt de mening van de Raad van State niet. ‘Zorgplichten zijn geen geheel nieuw fenomeen in het hoger onderwijs’, schrijft hij in een brief die met de spoedwet is vrijgegeven. ‘Zo kan de wijze waarop de kwaliteitszorg en academische vrijheid zijn geregeld, worden beschouwd als zorgplichtbepalingen avant la lettre.’ Ook van de medezeggenschap in het hoger onderwijs worden volgens hem alleen de formele regels aangepast.
Zo schrijft de spoedwet – net de concept-WHOO – onder meer voor in welke gevallen medezeggenschapsraden inspraak- of adviesrecht hebben. Ook worden instellingen verplicht klachten van individuele studenten via één loket te regelen. Bovendien worden de regels rondom transparante studiekeuze-informatie helder in de wet verankerd en is de onafhankelijke rol van de raad van toezicht gewaarborgd.
Ook een aantal andere zaken hebben een plek in de spoedwet gekregen. Zo is er een herstelperiode van maximaal twee jaar opgenomen voor opleidingen die zijn afgekeurd. Ook de regels rondom de tweejarige associate degree-programma’s zijn in de spoedwet opgenomen. (HOP)

Reageer!
Deel via...