Plannen voor flexibilisering deeltijd bij Archimedes weer afgekeurd 

Onduidelijk is wat de gevolgen zijn voor deelname aan de landelijke pilot.

Het conflict dat is gerezen tussen de instituutsraad en de directeur van Archimedes verhardt zich verder. De raad en de gemeenschappelijke opleidingscommissie (GOC) stemmen niet in met de nieuwe plannen voor flexibilisering van de bachelor deeltijdopleidingen van het instituut, die komend studiejaar van start zouden gaan.

Dat meldt de instituutsraad in een nieuwsbrief die maandag is verstuurd aan het personeel. De raad keurde het plan voor gepersonaliseerd leren van het opleidingencluster Talen vrijdag 13 juli af. Het ontbrak volgens de raad aan een deugdelijke financiële onderbouwing en een goed plan voor kwaliteitsborging. De instituutsraad keurde al eerder uitgewerkte plannen van directeur Jaap van Voorst af, waarna de clusters zelf aan de slag gingen.

De GOC heeft onvoldoende tijd gekregen om een gedegen besluit te kunnen nemen over de plannen tot flexibilisering van de bachelor deeltijdopleidingen van de drie andere clusters, die de directeur ter advisering voorlegde. Daarom adviseert de commissie negatief op de plannen en stemt zij niet in met de studiegidsen van deze deeltijdopleidingen.

Landelijke pilot
Onduidelijk is wat de gevolgen zijn voor de deelname van de opleidingen van het Instituut Archimedes aan de landelijke pilot flexiblilisering deeltijd, die afgelopen september is gestart en waaraan ook HU aan deelneemt. In de plannen van de instituutsdirecteur zouden alle opleidingen van het instituut volgend studiejaar gaan participeren. Ook onbekend is of Wiskunde, Engels en Nederlands, die vanaf het begin officieel deelnemen, dit blijven doen.

De instituutsraad en directeur Van Voorst zitten al langere tijd op ramkoers. Twee onderwerpen waarover de partijen botsen zijn invoering van gepersonaliseerd leren en de manier waarop de directeur de gevoelens van sociale onveiligheid aanpakt. Ook is er kritiek op de manier van leidinggeven en omgang met medezeggenschap. In juni escaleerde de zaak en zegde de raad het vertrouwen in de instituutsdirecteur op.

Draagvlak
Instituutsdirecteur Van Voorst laat in een reactie weten ‘zeer teleurgesteld’ te zijn in de besluiten van de raad en GOC. ‘Wat we vooral betreuren is dat er veel collega’s met inzet en betrokkenheid aan het plan hebben gewerkt, waarvoor ook draagvlak is in de teams’, meldt hij. Eerder zei hij dat uitstel van deelneming aan de pilot niet mogelijk was. De directie beraadt zich nu over de situatie en brengt de consequenties in kaart.

 

Reageer!
Deel via...
 

1 reactie

Het is niet meer mogelijk om te reageren

  1. Opzeggen vertrouwen.
    De instituutsraad van Instituut Archimedes heeft in zijn vergadering van 21 juni jl. besloten het vertrouwen in de directeur van Instituut Archimedes (IA) op te zeggen. Tegelijkertijd heeft de raad aangegeven alle taken en bevoegdheden te blijven uitoefenen. De situatie is nog onveranderd en het vertrouwen is niet hersteld. Een traject om het vertrouwen te herstellen zal indien mogelijk na de zomervakantie plaatsvinden en desgewenst aan de nieuwe instituutsraad – die per 1-9-2018 aantreedt – worden overgedragen.

    Clusterplannen GPL
    De raad heeft op 3 juli jl. het clusterplan Talen ter instemming ontvangen. De overige drie clusterplannen (WZM, Exact en Generiek) legt de instituutsdirectie niet ter instemming voor aan de instituutsraad IA maar ter advies aan de GOC. De raad heeft in de vorige nieuwsbrief aangegeven het niet eens te zijn met deze gang van zaken.

    De examenprogramma’s en toetsprogramma’s die door de teams van het cluster Talen zijn opgesteld laten zien dat er de afgelopen maanden april, mei en juni door veel mensen erg hard is gewerkt en dat er veel is bereikt om alsnog tot een plan te komen te komen voor deelname aan de pilot flexibilisering deeltijd. De raad wil hierbij zijn respect uitspreken voor dit harde werken en de enorme betrokkenheid.

    Toch heeft de instituutsraad in zijn vergadering van vrijdag 13 juli 2018 het unanieme besluit genomen niet in te stemmen met het clusterplan Talen, omdat de financiële omlijsting en een duidelijk plan van kwaliteitsborging ontbreken. Een goede financiële onderbouwing en een goed plan voor kwaliteitsborging zijn noodzakelijk om de pilot te laten slagen.

    Het besluit van de instituutsraad zal hieronder nader worden toegelicht. Eerst zal worden ingegaan op de achtergrond van het instemmingsverzoek, daarna komen de ontwerpcriteria voor de teams en de toetscriteria voor de raad aan de orde, dan de procesgang van de clusterplannen, daarna de draagvlakmeting en ten slotte zal de raad ingaan op de twee toetscriteria die voor de raad doorslaggevend zijn geweest voor het niet kunnen instemmen met het clusterplan Talen, namelijk de kwaliteitsborging en de financiën.

    Achtergrond
    Op 29 maart jl. is de raad tot een eensluidende beslissing gekomen niet in te stemmen met de generieke kaders van het eerste herontwerp gepersonaliseerd leren, zoals die zijn aangeleverd door de instituutsdirecteur, en die per 1-9-2018 van kracht zouden moeten worden.

    De bereidheid van de collega’s om flexibelere leertrajecten te ontwerpen en het draagvlak voor nut en noodzaak hiervan voor de deeltijdstudenten is voor de raad helder zichtbaar. Daarom heeft de raad begin april initiatief genomen om met de directie mogelijkheden te onderzoeken voor een nieuw herontwerp gepersonaliseerd leren om alsnog aan de pilot flexibilisering deel te nemen.

    In de gesprekken en discussies tussen raad en directie heeft de raad aangegeven dat nieuwe uitwerkingen mogelijk zijn, maar dat deze aantoonbaar verschillend moeten zijn van de 23 februari-versie waarop niet is ingestemd. Door de raad is aangegeven dat de nieuwe uitwerkingen gemaakt moeten worden o.b.v. heldere ontwerpcriteria, dat er een duidelijke werkagenda moet zijn waarin deadlines worden opgenomen en dat een strakke uniforme regie van de directie op het proces als noodzakelijk wordt gezien vanwege het zeer krappe tijdsbestek waarin de nieuwe herontwerpen moeten worden gemaakt.

    Met het plan Exact als denkrichting (gepresenteerd op de IA-studiedag 10 april 2018) is ingezet op het ontwikkelen van clusterplannen.

    In de Archimedesflits van 27-4-2018 is bekend gemaakt wat de definitieve ontwerpcriteria zijn voor de clusters om mee aan het werk te gaan waarmee invulling en uitvoering wordt gegeven aan het beleidsplan ‘gepersonaliseerd leren bij IA’ en de deelname aan de pilot flexibilisering hoger onderwijs per 1-9-2018 zeker moet worden gesteld. Overeengekomen voorwaarden tussen directie en raad zijn dat de nieuwe plannen aantoonbaar draagvlak onder de opleidingsteams hebben en dat de nieuwe plannen ter instemming worden voorgelegd aan de instituutsraad. Tussen raad en directie is besproken dat de ontwerpcriteria voor de clusters niet de enige criteria zijn waarop de raad de plannen zal toetsen. Haalbaarheid (tijdpad), kwaliteitsborging examencommissie, financiële onderbouwing – voor zowel de korte als de lange termijn- met goede en duidelijke randvoorwaarden voor uitvoering van het herontwerp, capaciteit en professionalisering van docenten wegen mee.

    Procesgang van de clusterplannen
    De raad heeft zowel bij de directeur als bij de portefeuillehouder Onderwijs aangegeven dat het aanbevelingswaardig is om de raad vroegtijdig en met regelmaat te informeren en mee te nemen in ontwikkelingen van de herontwerpen. Jammer genoeg is van participatie voorafgaand aan besluitvorming nauwelijks sprake geweest.

    De raad heeft over de gebrekkige procesgang en het ontbreken van centrale regie overleg met de directeur gevoerd en op 26-4-2018 een brief gestuurd naar de directie over de voortgang van de herontwerpen om zijn grote zorg uit te spreken over de procesgang, ontbreken van werkagenda’s en aansluiting van de examencommissie.

    De raad heeft tevens getracht signalen van sociale onveiligheid die medewerkers in IA ervaren bespreekbaar te maken bij de directeur en heeft op 30-5-2018 aan de directie een brief hierover gestuurd. De raad bericht hierover in Nieuwsbrief nummer 10 en bericht eveneens zich nog altijd zorgen te maken over een gebrekkige procesgang bij het herontwerp, ondoorzichtige financiën en niet te controleren personeelsbeleid.

    Op 22-6-2018 ontvangt de raad een schrijven van de instituutsdirecteur waarin hij meldt dat alleen het clusterplan van Talen aan de instituutsraad zal worden voorgelegd en dat de overige drie plannen van de clusters Exact, WZM en Generiek ter advies zullen worden voorgelegd aan de GOC.
    De instituutsdirecteur heeft dit besloten na juridische raadpleging en beargumenteert dat het clusterplan van Talen voldoet aan de beleidsnotitie ‘Gepersonaliseerd leren bij IA’ -en dus ter instemming aan de instituutsraad moet worden voorgelegd- en de overige plannen slechts voldoen aan de pilot flexibilisering waarop de IR –naar zijn zeggen- geen instemmingsrechten heeft.
    De raad trekt het besluit van de directeur in twijfel op basis van eerder gemaakte afspraken die door de directeur ook zijn gecommuniceerd in de Archimedesflits van vrijdag 13-4-2018. De raad betreurt het ten zeerste dat de directeur afspraken die gemaakt zijn in het kader van de medezeggenschap niet nakomt.

    Het niet ter instemming voorleggen van alle clusterplannen aan de raad maakt onderdeel uit van de besluitvorming tot het opzeggen van het vertrouwen in de directeur. De raad heeft toch gemeend tot gedegen toetsing van het clusterplan Talen over te moeten gaan en wel om de volgende redenen:
    1) De raad is en voelt zich medeverantwoordelijk voor de herstart van de herontwerpen in het kader van de pilot flexibilisering voor de deeltijdopleidingen en de beleidsnotitie GPL bij IA.

    2) De raad wil recht doen aan de inspanningen van de collega’s van de clusters talen die onder enorme tijdsdruk hebben moeten werken om tot dit clusterplan te komen.

    Aanvullende documenten
    De raad heeft op 9-7-2018 met spoed om aanvullende documenten gevraagd, waaronder: een overzicht van de vastgestelde leeruitkomsten van alle examenprogramma’s van Nederlands, Engels, Frans, Spaans en Duits, inclusief de leeruitkomsten van de generieke leerlijn (leeruitkomsten van vak en generiek samen moeten immers voldoen aan de eindkwalificaties per opleiding); documenten van de examencommissie m.b.t. vaststelling van de leeruitkomsten van de examenprogramma’s, vaststelling toetsprogramma’s en vaststelling toetsplannen, vaststelling/adviezen validerings-assessments, adviezen op concentrisch toetsen; financiële onderbouwingen zoals een nadere financiële onderbouwing die verder strekt dan de algemene opmerking dat innovatie en professionaliseringsgelden worden benut. Hierin meegenomen facilitering leerteambegeleiders, assessoren, intake-coördinatoren etc. en een overzicht van geschatte kosten van het uitvoeren van het herontwerp naast het uitvoeren van de reguliere programma’s; kwaliteitsborging: een professionaliseringsplan voor vakdocenten en docenten generiek waarmee de examencommissie akkoord is op onderdelen van de pilot: leerteambegeleiders, assessoren, intake-coördinatoren; evaluaties en aanbevelingen OpMaat.

    Toetsing op draagvlak
    De raad heeft geen uitgebreide achterplanraadplegingen kunnen organiseren omdat het clusterplan Talen pas 2-7-2018 is aangereikt in plaats van de eerder (onder voorbehoud) afgesproken deadline van 6-6-2018. De raad moet dus uitgaan van de beschrijving van de draagvlakmeting die is opgenomen in het clusterplan.

    Toetsing op kwaliteitsborging
    Het onderzoek van de raad heeft zich gericht op de kwaliteitsborging van het plan. De raad heeft gesprekken gevoerd met de examencommissie, medewerkers van het Bureau Assessments en Validering en de portefeuillehouder onderwijs van het IMT.

    Uit het gesprek met de examencommissie blijkt dat de examencommissie de examenprogramma’s van de opleidingen Engels, Duits , Frans, Spaans en Nederlands heeft kunnen vaststellen en daarmee een “go” heeft willen geven voor de start van de pilot bij deze opleidingen, met uitzondering van de concentrische leerlijnen in de programma’s. Hiervoor heeft de examencommissie nog aanvullend bewijs gevraagd om de kwaliteit te kunnen borgen. Tegelijkertijd geeft de examencommissie aan nog geen schriftelijke adviezen te hebben gegeven op de toetsplannen van de opleidingen, terwijl dat wel nog moet gebeuren. Ook zijn geen leeruitkomsten voorgelegd ter advisering.

    Uit het gesprek met de medewerkers van Bureau Assessments en Validering en de portefeuillehouder onderwijs van het IMT blijkt dat de plannen weliswaar flink zijn gevorderd en naar hun mening goed genoeg om te starten, maar dat veel zaken nog moeten worden doorontwikkeld.
    Een aantal vragen die de raad heeft gesteld aangaande kwaliteitsborging zijn niet beantwoord.
    In een dergelijke situatie dat veel nog niet af is en de kwaliteitsborging nog niet op orde is, is een plan voor kwaliteitsborging voor het komende studiejaar van groot belang. Dit plan ontbreekt en daardoor heeft de raad geen zicht op een groot aantal belangrijke criteria aangaande kwaliteitsborging die van groot belang zijn om de pilot te laten slagen.

    Zo is nog niet voldoende duidelijk hoe de vaststelling van eenheden van leeruitkomsten is met de vereiste koppeling van EC aan leeruitkomsten en de waarborging van opbouw, samenhang en realisatie van de eindtermen van de opleiding en de rol van de examencommissie hierin.
    Er zijn nog veel vragen aangaande de ontwikkeling en vaststelling van methoden en instrumenten voor validering en leerwegonafhankelijke beoordeling, de wijze van uitvoering van beoordelingen en de wijze waarop beoordelingen onderbouwd gerapporteerd worden.

    Daarnaast is een belangrijke vraag van de raad of de docenten voldoende voorbereid en geprofessionaliseerd zijn voor deelname aan de pilot. De uitvoering van de pilot doet immers een beroep op andere bekwaamheden van docenten, als ontwikkelaar van methoden en instrumenten voor validering van resultaten van leren buiten de opleiding; als ontwikkelaar van methoden en instrumenten voor vormen van leerwegonafhankelijke beoordeling tijdens de opleiding; als assessor/examinator bij valideringsprocedures en bij leerwegonafhankelijke beoordeling tijdens de opleiding (beoordeling realisatie leeruitkomsten en onderbouwde rapportage van de beoordeling); in de rol van begeleider van de student bij het maken van keuzes en afspraken voor invulling van delen van opleidingstrajecten (t.b.v. onderwijsovereenkomsten). Een professionaliseringsplan waarin voorbereiding en professionalisering van docenten en de kosten hiervan inzichtelijk is gemaakt is niet aan de raad gestuurd.

    Toetsing op financiën
    Het is de raad niet duidelijk geworden hoe flexibele trajecten bekostigd moeten worden naast de reguliere opleidingen die blijven bestaan. Voor de flexibele programma’s is bij de teams uitvraag gedaan naar ontwikkeltijd waar de raad van weet dat er gemiddeld 700-800 uur is opgegeven die nergens in de stukken is terug te vinden.

    Een extra complicerende factor is dat voor kleine vakgroepen de werklast over weinig collega’s moet worden verdeeld waarbij de raad zich afvraagt of dit wenselijk en realistisch is. Gelet op de huidige financiële situatie van IA heeft de raad grote twijfels of er voldoende middelen aanwezig zijn om medewerkers van IA voldoende te faciliteren om kwalitatief goed onderwijs te verzorgen.

    De raad heeft een groot aantal vragen gesteld over de financiële onderbouwing van het clusterplan maar hier geen antwoord op gekregen. Het gaat dan om vragen die inzicht geven in hoeveel extra geld er beschikbaar is voor innovatie, hoeveel subsidie er beschikbaar is voor deelname aan de pilot , hoeveel extra uren er beschikbaar zijn voor taken aangaande validering, begeleiding van studenten, begeleiding en beoordeling van assessments.
    Hierdoor is het voor de raad niet mogelijk een goede financiële analyse te maken of aan de randvoorwaarde van voldoende facilitering van docenten is voldaan om succesvol deel te nemen aan de pilot.

    De raad heeft geen inzicht in het personeelsbeleid omdat een strategisch personeelsplan niet is voorgelegd aan de raad. Daardoor kan de raad niet controleren of er voldoende gekwalificeerde docenten zijn die garant staan voor kwalitatief goed onderwijs en valideringen.

    In de wetenschap dat de werkdruk onder docenten erg hoog is, is het in de ogen van de raad onverantwoord te beginnen aan een onderwijsinnovatie zonder inzicht of er naast de huidige budgetten en taaklastnormering extra middelen zijn (tijd en geld) om ontwerpen bij te stellen, extra toetsen te maken, examenprogramma’s van jaar 2,3 en 4 te ontwikkelen, kosten van te betalen assessments etc. Een overzicht hiervan ontbreekt. Teams geven bij de raad aan hier zorgen over te hebben, waar geen adequaat antwoord op is gegeven.

    Gezien bovenstaande overwegingen heeft de raad geen andere keus dan niet in te stemmen.

    De clusterplannen van WZM, Exact en Generiek
    Met toestemming van de GOC, wil de raad bij dezen ook berichten over het advies van de GOC op de clusterplannen WZM, Exact en Generiek.

    De opleidingscommissie stelt onvoldoende tijd en ruimte te hebben om middels een gedegen besluitvorming tot een inhoudelijke uitspraak te komen. Vanwege het moment maar ook het feit dat dit erg onverwachts is, heeft de GOC negatief moeten adviseren op de clusterplannen en ervoor gekozen dat dit betekent dat zij niet instemt met de studiegidsen flexibele deeltijd.
    Op de reguliere studiegidsen (voltijd, deeltijd en master) is in juni reeds ingestemd.

    Ten slotte
    De raad is van 16 juli tot 20 augustus afwezig vanwege vakantieverlof en zal vanaf 20 augustus bereikbaar zijn.

    De raad wil alle medewerkers en studenten bedanken voor de zeer grote betrokkenheid in alle kwesties die afgelopen jaar hebben gespeeld. De raad wenst iedereen een welverdiende zomervakantie toe.