Waarom draag je wat je draagt? In HU’s Catwalk vraagt Trajectum studenten het hemd van het lijf over hun stijl, kleding en het belang van uiterlijk. Deze keer betreedt Michiel (18) de catwalk. Hij studeert Social Work aan de HU.
Wat heb je aan? ‘Nette schoenen, een zwarte flair broek die wijd uitloopt, een rode trui met een gekleurde sjaal en een grote witte jas.’

Omschrijf je stijl ‘Alternatief en kleurrijk. Soms laat ik iets matchen; zo droeg ik laatst alleen maar zwart. Ik vind het leuk als mensen kleur dragen. Vroeger was ik daar niet mee bezig, omdat mijn ouders mijn kleding uitkozen. Later ben ik me gaan kleden zoals rappers met dure kleding, maar dat vind ik nu onzin. Ik ben meer kleur en goedkopere kleding gaan dragen, omdat dat een outfit opfleurt. Betalen voor kwaliteit is goed, maar dure kleding is meestal sullig, aangezien er al zo veel kleding is.’
Past jouw stijl bij je persoonlijkheid? ‘Ja, ik ben een kleurrijk persoon. Ik heb periodes waarin ik actiever ben en periodes waarin ik rustiger ben. Kleuren en dynamiek, met contrasten, komen terug in mijn kleding. Ik ben over het algemeen vrolijk en vriendelijk, daar past kleurrijke kleding bij.’
Is jouw stijl veranderd? ‘Toen mijn ouders mij kleedden, was het een wat ouderwetse stijl met printjes en kleur. Daarna had ik een periode met skinny jeans en een zwarte jas met daaronder willekeurige T-shirts. Rond de tweede klas van de middelbare school droeg ik Air Force 1’s en dure truien en T-shirts. Later ben ik gaan experimenteren met grote T-shirts en baggy kleding. Toen ik meer muziek ging luisteren van Jimi Hendrix, begon ik flared broeken te dragen. In die periode ben ik kleur meer gaan waarderen, wat ik nog steeds doe.’
Wat voor kledingstuk draag je nooit? ‘Ik heb een strakke blauwe trainingsbroek in mijn kast die ik nooit meer draag. Eigenlijk vind ik dat alles interessant kan zijn, als je de rest van de outfit goed erop aanpast. Zo heb ik toch een keer de trainingsbroek aangedaan door het als een onderlaag van een kort sportbroekje te dragen, hierdoor werd het draagbaarder.’

Wat is essentieel in je kledingkast? ‘Gekleurde sokken. Dat begon toen ik veertien was met Happy Socks. Nu draag ik vooral katoenen sokken, zoals Nike-sokken met kleur. Vaak draag ik twee verschillende voor extra kleur.’
Welke kledingstuk draag je elke dag? ‘Armbandjes. Er is ook een periode geweest waarin ik dagelijks een ketting van een vork droeg, maar nu wissel ik die af. Mijn favoriete kledingstuk is een bordeauxrood shirt met lange mouwen dat ik in Berlijn bij een thriftstore heb gekocht, die kan je overal mee combineren.’
Is er een kledingstuk dat veel voor je betekent? ‘Ik had sieraden van mijn ex, maar die zijn op een bijzondere reden stuk gegaan na onze breuk. Ik heb ook bloesjes van mijn zus die veel voor me betekenen. Er is niet één specifiek item, maar ik ga wel zorgvuldig om met de kleding die ik draag.’
Wat lezen mensen van jouw stijl af denk je? ‘Misschien punk, kleurrijk of alternatief. Ik denk dat sommige mensen vinden dat ik te veel probeer, maar ik draag gewoon wat in mijn kast ligt. Ik ben er niet heel bewust mee bezig, ik vind het vooral leuk.’
Wat wil je met je stijl laten zien? ‘Vrijheid van expressie. Jezelf kunnen zijn en de kleurrijkheid van de wereld laten zien. Als je grijze en saaie kleding draagt, word je sneller gezien als iemand uit de massa. Ik vind dat iedereen zijn eigen persoon moet zijn.’

Waar haal jij je inspiratie vandaan? ‘Uit kringloopwinkels, van wat vrienden dragen en uit mijn eigen ideeën over kleurcombinaties. De flared broeken en nette schoenen zijn geïnspireerd op Jimi Hendrix. Ik heb lang gezocht naar vergelijkbare schoenen, maar die waren vaak te duur of niet in mijn maat.’
Waar winkel je vooral? ‘Ik vermijd nieuwe kleding zoveel mogelijk, voor het milieu en mijn portemonnee. Er is al een overvloed aan kleding. Ik shop vooral bij kringlopen, zoals Blackfish, Episode, Wawollie, de Eurowinkel in Driebergen-Zeist en een thriftstore in Berlijn. Als er een kringloop is dan kan je me daar vinden.’
Wat doe je in je vrije tijd? ‘Muziek luisteren, maken en spelen. Ik speel vooral basgitaar. Daarnaast zie ik vrienden, wandel ik en mediteer ik. Ik ben nu ook aan het daten en werk als schoonmaker bij een zorginstelling voor mensen met een verstandelijke beperking.’
Lievelingsfilm? ‘Kebab Connection was een dvd die in mijn vaders kast lag. Het is een oudere Duitse film met een leuke verhaallijn en leuke stijl van filmen. Ik vind het fijn om naar een ouderwetse manier van filmen te kijken.’
Lievelingsboek? ‘De Kleine Johannes van Frederik van Eeden. Ik heb het nog niet uitgelezen omdat ik het zo interessant vind. Het is een boek uit 1887, dus het is nog geschreven in oud-Nederlands. Bijzonder om te zien hoe woorden gebruikt worden en hoe zinnen anders geformuleerd worden. Het is een filosofisch boek met diepgaande vragen.’

Wat voor muziek luister je? ‘J.J. Cale, Robert Johnson, experimentele elektronische muziek en Jimi Hendrix. Dingen die kunstig zijn, maar toch goed uitgevoerd om muziek genoemd te worden.’
Welke cijfer geef je je leven op dit moment? ‘8.7. Ik denk dat het leven mooi is en dat het voor iedereen een gunst is. Het is niet een 10 omdat er ook veel nare dingen zijn. Iedereen krijgt nare dingen waar je niet mee kan en mee moet dealen. Ik heb het geluk om hier en met veel liefde om me heen opgegroeid te zijn. Het leven is mooi maar niet perfect.’
Wat is je grootste angst? ‘Lang gedacht dat ik geen angsten had, maar kreeg daar slaapproblemen van. Als ik nu iets zou moeten noemen, is dat ik bang ben dat een van mijn naasten overlijdt of dat mensen niet naar me luisteren.’
Wat vind je mooi aan jezelf? ‘Mijn vermogen om te luisteren en mijn creativiteit.’
Wat wil je later worden? ‘Ik schreef laatst: brandweerman in de eerste hulp voor mijn vrienden en familie. Nu wil ik maatschappelijk relevant zijn. Als ik als muzikant succesvol kan worden, wil ik goede doelen steunen of misschien zelf eentje of meerdere opzetten. Ik doe nu social work, dus ik zie mezelf werken met mensen, maar ik weet het nog niet precies.’


