Achtergrond

Soms zijn opleidingen tevreden met ‘hun’ bsa. Hoe is het om daarmee te moeten stoppen?

Beeld: ai

De HU schaft het bindend studieadvies (bsa) af. Voor een aantal opleidingen is dat even slikken. Ze hielden niet voor niets vast aan ‘hun’ bsa. En het dringende studieadvies (dsa) zorgt ook voor problemen. ‘Straks krijgen studenten te horen: “Je hoeft niet weg, maar je mag ook niet door”.’

Bindend studieadvies zorgt niet voor studiesucces. Zo klonk de conclusie van het eerste grote onderzoek naar het effect van het bsa tot nu toe. Het college van bestuur liet begin september weten het bindend studieadvies definitief de deur te wijzen. Belangrijk argument: ‘We kiezen daarmee voor een andere manier van sturen op studentsucces: minder vanuit selectie en uitsluiting, en meer vanuit begeleiding, eigenaarschap en maatwerk.’ En dus moeten uiterlijk in het schooljaar 2028/29 ruim dertig opleidingen aan Hogeschool Utrecht verplicht overstappen op het dringend studieadvies.

Over het bsa-onderzoek: Sander de Vries analyseerde de CBS-gegevens van ruim 712.000 universitaire studenten die tussen 1994 en 2014 studeerden. In die periode voerden steeds meer opleidingen een bsa in. Door studenten van opleidingen met en zonder bsa met elkaar te vergelijken, onderzocht hij of de maatregel daadwerkelijk de effecten had die voorstanders ervan hadden verwacht. Die verwachtingen waren dat studenten door het bsa harder studeren en dat studenten die niet geschikt zijn eerder overstappen naar een studie die beter bij hen past. Zijn conclusies waren dat het bsa de kans op een universitair diploma verlaagt en dat het de studieduur niet verkort. Naast dit onderzoek constateerde RIVM al in 2018 dat het bsa vooral meer stress bij studenten bezorgde. Ook een onderzoek van Hogeschool Zuyd noemde het bindend studieadvies ‘zinloos‘.

We spreken met drie opleidingsmanagers die afscheid moeten nemen van het bindend studieadvies aan hun opleiding. Brechtje Letanche van Verpleegkunde, Abdülkadir Poyraz, van Journalistiek en Toine Hattink van het Engelstalige International Business.

Geen verrassing

‘We zagen natuurlijk al lang aankomen dat we over moesten naar het dsa’, vertelt Brechtje Letanche, opleidingsmanager van Verpleegkunde. Toch waren zij en haar collega’s opgelucht over het besluit van het cvb: ‘Eindelijk namen ze een besluit.’ Ook bij Journalistiek waren ze niet verbaasd en waren ze al langere tijd op zoek naar good practices van collega’s, vertelt Abdülkadir Poyraz. Toine Hattink, opleidingsmanager van International Business, kan accepteren dat dit de uitkomst is. ‘Ik vind alleen wel dat er ‘framing’ in de discussie plaatsvindt.’ Daarover later meer.

Hattink werkt nog maar een jaar aan de HU, maar zit al meer dan twintig jaar in het vak: ‘Vijftien jaar geleden wilden sommige hogescholen over naar een bsa van 50 of 60 credits. Dat vond ik toen misplaatste stoerdoenerij. Jonge mensen mogen fouten maken en herstellen. Nu volgt de afschaffing van het bsa. En over vijftien jaar gaan we misschien weer naar een heel streng bsa, onder een andere maatschappelijke en politieke wind.’

De selecterende werking

Hattink: ‘Wat me het meest aan het hart gaat is dat het hanteren van een bsa wordt weggezet als een selectiemiddel. Ons bsa heeft wellicht een selecterende werking, maar dat is niet het doel.’

Voor Letanche is het bsa bij Verpleegkunde vooral ook een manier om door te verwijzen. ‘Als studenten niet passen in het beroep, lopen ze vast op de toetsen, meestal de stages. Ze heeft nauw contact met de andere opleidingen in het land. ‘Onze kennistoetsen zijn van hoog niveau. Je moet het lichaam tot in detail kennen en kunnen analyseren wat je ziet. Wat betekent een geel oogwit, bijvoorbeeld. Bovendien is bij ons alles in het Latijn, want zo praten artsen ook. Geen ‘blaasontsteking’, maar ‘cystitis’. Als dat je niet lukt, is het mbo beter voor je.’

Letanche: ‘Natuurlijk denk je wel eens: jij past hier niet. Bij stages zie je dat aan hoe ze de patiënt benaderen: een beetje boos, zakelijk, of juist te dichtbij. De vraag luidt altijd: Durven we deze student los te laten op de meest kwetsbare groepen in de zorg?

Letanche: ‘Mbo-studenten die naar ons doorstromen, denken vaak dat het een makkie wordt. Maar ze halen het vaak niet, al krijgen ze drie extra toetskansen. Dat ze hbo willen doen ligt niet zozeer aan een hoger salaris dat je zou kunnen krijgen later. Die schalen zijn in de praktijk helemaal niet overal doorgevoerd. Sommigen komen hier omdat ze nog niet aan werken toe zijn of omdat ze gewoon graag dat hbo-papiertje willen hebben.’

Poyraz: ‘Bij Journalistiek zijn de risico’s relatief klein, vergeleken met een opleiding als Verpleegkunde. De vraag is natuurlijk: is deze student straks geschikt als journalist? Uiteindelijk zullen onze studenten allemaal een zekere mate van extravertheid moeten tonen. In dit vak moet je erop uit, mensen bellen. Het feit dat sommigen langer nodig hebben om die eigenschap te ontwikkelen, zou een goede reden zijn om het dsa in te voeren.’

Voor Hattink is het bsa bij International Business een middel om te ondersteunen in de boodschap: de studie heeft je aandacht nodig. ‘Ruim een derde van onze studenten komt uit het buitenland. Zij hebben een grote stap gezet en weten precies waar ze voor kiezen. Maar een flink deel van onze studenten komt van havo en mbo, en komt ‘gewoon’ bij ons uit omdat het een business-opleiding is, dichtbij huis. Die groep moet elk moment weer kiezen tussen TikTok, werk, relaties, sport en school. Ik denk dat iedereen die achttienjarige jongens in het wild kent dit herkent: dat vinden ze heel moeilijk.’

Voor de non EU-studenten van zijn opleiding is het bsa ook nuttig, vindt Hattink: ‘Die moeten elk jaar 30 studiepunten halen, anders vervalt hun verblijfsvergunning. Het is helpend voor hen als wij als school dezelfde duidelijkheid geven: ‘aan het eind van het schooljaar nemen we een beslissing, net als de IND.’

In 2010: In een rapport uit 2010 van de onderwijsinspectie bleek dat 95 procent van de opleidingsmanagers in het hbo (waaronder de HU) het bsa een goed instrument voor selectie en verwijzing vonden. Ze noemden het ook ‘een stok achter de deur’. Daarnaast bespaarde het volgens hen tijd en geld van zowel de studenten als van de opleiding. In het wo was het aantal voorstanders van het bsa iets minder groot: 87 procent.   

De rol van de SLB’er en de examencommissie

De drie opleidingsmanagers zijn tevreden over hun huidige bsa-systeem. Nu ze verplicht moeten overstappen op het dsa, maken ze zich wat zorgen over de monitoring. ‘We zullen een goed nieuw systeem moeten optuigen zonder de twee officiële brieven van de examencommissie’, zegt Letanche. ‘De SLB’er zal dan naast zijn coachende rol moeten zeggen: “Hey, ik zie dat je je toetsen niet haalt, weet je zeker dat dit iets voor je is?” Dat kan een soort rolverwarring geven. Enerzijds wil je helpen, anderzijds wil je waarschuwen.’

Poyraz : ‘Het vraagt inderdaad om betere monitoring van de studievoortgang, en gespreksplanning met studenten. Hier hoort ook de professionalisering van docenten bij. Dat de rol van een SLB’er nu vaag zou kunnen worden, is niet mijn vrees. Die moet vooral goed kunnen adviseren en doorverwijzen naar de decaan. En hij moet wat mij betreft vooral geen vader of moeder willen spelen. Als SLB’er, dus gewoon de student op de feiten wijzen en helpen realistisch te zijn. Ook niet zeggen dat de student het niet kan. We hebben de toetsen en die spreken voor zich.’

Andere opleidingen die moeten overstappen zijn de volgende voltijds bachelorvarianten: Social Work, Pedagogiek, Vaktherapie, Integrale Veiligheidskunde, Fysiotherapie, Medische Hulpverlening,  Farmakunde, Optometrie, Orthoptie, Mondzorgkunde, Logopedie, Management in de Zorg,  Chemische Technologie, Chemie,Biologie en Medisch Laboratoriumonderzoek,  Bedrijfskunde, Commerciële Economie en  Logistics Management.

We verliezen een duidelijk signaal (de brief)

Uit het onderzoek blijkt dat studenten niet per se langer studeren als je het bsa afschaft. Toch maken deze opleidingsmanagers zich daar zorgen over. Hattink: ‘Het bsa maakte onze eigen verantwoordelijkheid dat studenten slagen groter, of zet die scherper neer. We zien aan onze studenten met een uitgesteld bsa, of die vanwege persoonlijke omstandigheden alsnog door mochten studeren, vaak dat ze lange tijd doorsukkelen, worstelend met een gevoel van falen.’

Poyraz ziet dat bij Journalistiek ook. ‘Sommigen willen maar door en door, terwijl die faalervaring niet goed voor ze is. Het voordeel van het bsa is dat het een duidelijke grens geeft.’ Tegelijkertijd is hij niet blind voor waar het bsa soms toe leidt: ‘We zien binnen hbo-land dat studenten na een negatief bsa overstappen op andere opleidingen waar ze hetzelfde vak kunnen leren. Vervolgens lopen ze daar vast.’

Letanche ziet vooral de keerzijde van de brief: ‘Het nare is dat je zo’n formele, zakelijke tekst op je deurmat krijgt. Ouders weten dan vaak nog van niets. Dat is akelig.’ Hattink heeft daar ook ervaringen mee: ‘Dat die ouders dan inderdaad niet op de hoogte zijn, moet verschrikkelijk zijn.’ En toch vindt hij: ‘Zo’n bericht gaf duidelijkheid en de kans opnieuw te beginnen.’

Bsa lang niet altijd bindend

Dat ‘opnieuw beginnen na een bsa’ gebeurt dikwijls aan de opleiding zelf, vertellen deze opleidingsmanagers. ‘Weggestuurd worden werkt vaak motiverend,’ vertelt Letanche. ‘Vooral als wij zeggen: ‘Bewijs dan maar eens dat je het wél kunt. Daarom vinden we het ook prettig als studenten tegen het bsa in beroep gaan. Dan heb je ze eindelijk aan tafel en kun je een gesprek voeren over wat er gebeurt. Als de ouders meekomen is dat al helemaal mooi. Let wel: de student krijgt alleen een bsa als we daar honderd procent achter staan. En toch: een aanzienlijke groep krijgt respijt. Als er persoonlijke omstandigheden spelen, dan schorten we het studieadvies op met een jaar.’

Bij Journalistiek is die gang van zaken herkenbaar, voor Poyraz. ‘Ik zie ook dat veel bsa’s op dit moment worden teruggedraaid. En dat ze werken als een wake-up call. Maar die gang van zaken kost ook tijd en energie van ons personeel.’
Een ander nadeel van dat terugdraaien is dat de student dan in het tweede jaar zijn vakken uit het eerste jaar moet inhalen. ‘Dan gaan de dingen door elkaar heen lopen’, ziet Hattink. ‘Dat vergt veel van ze.’ Letanche kan dat beamen. ‘In onze deeltijdvariant van Verpleegkunde hebben we het dsa ingevoerd en zien daar mensen jaren aanmodderen.’

Soms moet een student écht weg. ‘Maar het is een misverstand dat zoiets het einde van de wereld zou zijn’, zegt Hattink. ‘Ja, ik heb dat gezien, ze worden er ontzettend verdrietig van, ik leefde met ze mee. Op dát moment. Want daarna volgt vaak een opleiding die beter bij ze past.’

Wel blijven, maar niet door

Geen van deze opleidingsmanagers is verbolgen over de beslissing van het cvb. Ze zijn niet eens echt bevreesd. Alleen over het onderzoek dat aan de HU heeft plaatsgevonden (DSA: de Sleutel tot studentsucces – niet openbaar gemaakt) heeft Hattink zijn twijfels. ‘Er is zowel binnen als buiten de HU degelijk onderzoek verricht naar effecten van dsa en bsa. Ik doe daar niets aan af, maar ik vond de onderzoeksvraag van het HU-onderzoek asymmetrisch geformuleerd. “Gaan we allemaal over op het dsa of laten we iedere opleiding nog steeds zelf beslissen?” Allemaal over op het bsa was blijkbaar geen optie. Dan ligt er al een voorkeur in de vraagstelling besloten, lijkt me.’

Wat nu de grote puzzel wordt, is waar de studenten die te weinig vakken hebben gehaald nu terecht komen. Hattink: ‘Naar jaar twee met 20 of 30 punten? Die studenten zien hun achterstand en studieschuld alleen maar toenemen. Op een gegeven moment zullen ze de boodschap krijgen: je hoeft niet weg, maar je mag ook niet door. Want stage 2 kan niet doorgaan als stage 1 niet is gehaald. Dat gebeurt nu al, maar met een dsa zo dadelijk in het kwadraat. Ik leg daarom graag mijn oor te luisteren bij opleidingen die al langer met dit bijltje hakken.’ 

Als Hattink aan het roer stond, zou hij liefst het bsa blijven hanteren. ‘Met een realistische ondergrens, van 40 of 45 studiepunten. Maar op de HU is anders besloten, na onderzoek en met betrokkenheid van de hogeschoolraad. Daar gaan we het dus mee doen.’

Letanche is trots op de huidige gang van zaken bij Verpleegkunde. ‘Ik vind ons een goed voorbeeld van hoe je het bsa op de juiste manier hanteert. ‘ Poyraz is niet per se voor of tegen. ‘Bsa of dsa? Wat mij betreft is dat lood om oud ijzer. We moeten doen wat werkt.’

Reageren? Graag!

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *