Buitenland

Wat doen we als HU aan ontwikkelingswerk?

Wat doen wij als Hogeschool Utrecht aan ontwikkelingswerk? Weinig. Althans ik kom het niet vaak tegen in Trajectum of andere faculteitsblaadjes. Terwijl onderwijs cruciaal is bij ontwikkelingshulp. Gelukkig hebben we de Kofi Anan Business School, waar inmiddels drie buitenlandse instituten in participeren. Maar internationaliseren is op een laag pitje komen te staan. Het heet nu internationalisation at home.

Reden dat er minder aan werving gedaan wordt in bijvoorbeeld het reservoir van zoekende jongeren uit Azië, is gebrek aan geld. Daarom wil men, zoals in de politiek, na veel jaren de norm van 0,7% van het bruto nationaal product voor ontwikkelingshulp loslaten.

Werving in met name Azië is niet alleen goed voor de HU (meer buitenlandse studenten in onze opleidingen met vaak een andere studiementaliteit), maar we geven die landen mogelijkheden om kennis te maken met het westen. Het is een druppel op een gloeiende plaat, maar het draagt bij tot de wereldvrede. Het is goed om daar als hogeschool aan mee te doen. Creëer kansen voor jongeren.

Die paar tripjes die georganiseerd worden voor extra studiepunten naar Kenya, laten al onvergetelijke herinneringen achter bij onze studenten. Als ze weer thuis zijn, willen ze wat terugdoen voor de gemeenschap daar. Daar ligt een schone (structurele) taak voor de HU.

 

Reageer!
Deel via...
 

1 reactie

Het is niet meer mogelijk om te reageren

  1. De New York Times schrijft dat op 19 juni een Pew Research Center studie is verschenen, “The Rise of Asian-Americans,” waarin staat dat Aziatische Amerikanen 5,8% van de bevolking vertegenwoordigen en over het algemeen een hoger inkomen en een betere opleiding hebben dan de blanke, zwarte of latino bevolking.