In een serie didactische lessen geeft trainer en adviseur Alard Joosten tips aan docenten in het hbo over lesgeven en begeleiden. Les 4: van weten naar snappen en kunnen.
Kennis kun je aanbieden, maar het is toch echt de zaak van de student wat hij daar verder mee doet. Meestal wordt in een afsluitend tentamen gecheckt of de student de aangeboden kennis kan reproduceren. De student die slaagt, heeft laten zien dat hij het tentamen met een voldoende kon afleggen. Maar is deze student ook vakbekwaam? En omgekeerd, zijn de studenten die het tentamen niet haalden, onbekwaam voor het beroep? Heeft dit leren iets te maken met het leren van een beroep?
Binnen beroepsopleidingen leren studenten beroepswerkzaamheden. Het gaat om kundigheid, deskundigheid of bekwaamheid. Wie slaagt voor de opleiding, kan beroepstaken uitvoeren en zich daarover verantwoorden. Voor het uitvoeren en verantwoorden van deze taken heeft een professional kennis en vaardigheden nodig. Vaak gaat het om complexe vaardigheden die helaas niet altijd direct in de beroepsrealiteit geleerd kunnen worden, maar wel door te oefenen en te proberen binnen school. Binnen school gebeurt dit vaak doordat de docent eerst theorie uitlegt, soms gerelateerd aan wat praktijkvoorbeelden, om daarna of zelfs in een volgende cursus te starten met het oefenen van (deel)vaardigheden.
Er is niks op tegen om studenten eerst kennis te laten leren, maar wel als het te lang duurt voordat die kennis kan worden gebruikt bij het uitvoeren van handelingen. Als bovendien die kennis inhoudelijk ook nog ver weg staat van de uit te voeren handelingen, zijn we nog verder van huis. Het te veel los van elkaar aanbieden van kennis en vaardigheden is niet efficiënt.
Daar komt nog bij dat kennis hebben iets heel anders is dan een vaardigheid beheersen. Studenten kunnen iets weten, maar of ze het dan ook snappen en vervolgens ook kunnen toepassen?
Het is aan jullie, docenten, om studenten te begeleiden bij al deze stappen. Die stappen vragen ieder om een specifieke didactische aanpak. Wanneer je daarin slaagt, dan ben je een leermeester in optima forma!
Leestips over de didactische aanpak van de stappen weten, snappen en kunnen:


Ik vind dit een erg traditionele benadering die er van uitgaat dat alle studenten op dezelfde wijze leren. Bovendien doet het geen recht aan de skills die we van studebten verwachten die in de 21e eeuw leren en werken. Ik zie meer in ‘doenken’: al doend denken en leren.
Dank je wel voor je reactie Suzanne. Dat alle studenten op dezelfde wijze leren wil ik zeker niet beweren. Waar het mij om gaat, is dat we te maken hebben met verschillende leeractiviteiten (weten, snappen en kunnen) en binnen die leeractiviteiten dien je als docent zeker rekening te houden met verschillen in bijvoorbeeld leerstijl. Ik zie veel praktijken met cursussen waarin kennis en weten centraal staan zowel inhoudelijk als organisatorisch ver weg staan van cursussen waarin het toepassen en kunnen aan de orde komen. Dat zou juist mooi samen kunnen gaan waarin deze leeractiviteiten afwisselen (‘doenken’?).
Bovendien wordt er soms te makkelijk vanuit gegaan dat wanneer studenten iets weten of snappen ze dit ook direct kunnen. Juist die laatste stap vereist nogal wat oefening en dat vraagt van de docent een goed didactisch ontwerp waarbij rekening gehouden wordt met de verschillen tussen studenten.
Goed punt, maar meteen ook en dilemma. De klas in het hbo is geen praktijklokaal. Een goede manier om studenten meteen met de beroepspraktijk in aanmerking te laten komen is snel op stage gaan, zoals de PABO doet. Ook een duale opleiding is niet verkeerd.
Wij (cluster Recht, Inholland Rotterdam, zijn nu net begonnen met een nieuw curriculum, waarin de studenten steeds toewerken naar een beroepsproduct in een beroepssituatie. Het is in ieder geval een stap in de richting van al vroeg werken met de beroepspraktijk.
Roelie van der Zouwen, docent Nederlands en communicatie, cluster Recht, Inholland Rotterdam.
Ik denk dat het nodig is im te leren meer integraal te leren. Kijk bijvoorbeekd naar design thinking / ontwerpgericht leren. En in de minor co-design studio wordt nu Theory U ingezet en doen studenten een sensing journey. Bewustwording, focus op talentobtwikkeling, aandacht voor 21st century skills, persoonsontwikkeling: durf verder te gaan dan de gebaande paden.
In de basistraining honoursdidactiek schreven alle docenten een essay over de onderbouwing van hun didactiek. Die 15 bij elkaar zijn een prachtige bron van inspiratie: van spelend leren, sociasl constructivisme tot Huub Oosterhuis. Neem als docent vooral jezelf mee.
Ik ben heel benieuwd naar die onderbouwingen van docenten van hun didactiek. Zijn die ergens in te zien Suzanne? Interessant. Ik ben daarnaast vooral geïnteresseerd in de link met het ontwerp van een les of cursus en naar de uitvoering. Ik zie veel mooie onderwijsvisies en -gedachten maar soms/vaak zie ik docenten die tegen de praktische uitwerking aanlopen.
Leuk om te horen hoe jullie bezig zijn Roelie om de opleiding zo dicht mogelijk bij de praktijk te brengen. Ik vind dat je studenten zo snel mogelijk moet confronteren met de beroepspraktijk, dus ook al in blok 1 van jaar 1. Ik ken leuke voorbeelden van snuffelstages voor 1ejaars en van praktijkdagen waarin 3ejaars stagiaires eerstejaars onder hun hoede nemen.
Het werken met (echte) opdrachten uit de praktijk, het liefst in samenwerking met het werkveld, zijn een mooie manier om die praktijk in het onderwijs te brengen. Op deze manier komen studenten er ook (snel) achter of dit nu de opleiding en het beroep is dat ze echt willen gaan doen. Ik ben ervan overtuigd dat jullie door het centraal stellen van beroepsproducten een mooie verbeterslag maken in jullie onderwijs.
Succes met jullie nieuwe curriculum.
Binnen de training hebben we worksheets met de ontwerpdimensies voor honoursonderwijs en met het toetsconcept. In een leerteam werken ze aan het concrete ontwerp van hun onderwijs. Ze ontwikkelen samen iets of gebruiken elkaar als kritische vriend. Je bent van harte welkom op 18 november om 19.30 u in De Oase (FE) als ze hun resultaten laten zien in een posterpresentatie. Iedereen is welkom overigens 🙂