Enquête bij Communicatie over thuiswerken: veel gaat goed, maar bureaustoel en contact zijn gewenst

Instituutraadslid en CNV-adviseur Hoger Onderwijs Luc van Dijk: 'Gemiddeld genomen komen docenten steeds beter in het ritme.'

Foto: Elly Verkennis

Bij de meeste docenten gaat thuiswerken prima, een derde komt wel eens in de knel en 10 procent vindt zichzelf te weinig productief. Het zijn enkele uitkomsten van een enquête onder medewerkers van het Instituut voor Communicatie. Initiatiefnemer Luc van Dijk is lid van de instituutsraad en CNV-adviseur Hoger Onderwijs. Zijn conclusie: ‘Gemiddeld genomen komen docenten steeds beter in het ritme.

De rest van dit studiejaar blijft het thuiswerken en thuis studeren, mogelijk ook in de eerste helft van komend studiejaar. In elk geval blijft bij de HU het onderwijs zoveel mogelijk online. ‘Iedereen geeft duidelijk aan dat ze koffiedrinken bij de automaat en collega’s en vooral de studenten missen.’
 
Luc van Dijk: ‘Wij gaan ervan uit dat 80 procent digitaal gaat en 20 procent van het onderwijs in de gebouwen kan plaatsvinden. Dan gaat het om colleges voor eerste- en tweedejaars terwijl ook internationale studenten en minors voorrang krijgen. Groepen van dertig studenten worden in drieën gedeeld zodat je met tien mensen 1,5 meter afstand kan houden.’

Onderwijsadviseur

De enquête is medio april uitgezet bij de twee opleidingen van het Instituut voor Communicatie, Creative Business en Communicatie. Toen waren de onderwijsgebouwen sinds een maand dicht. Maar de uitkomsten zijn nog steeds actueel, zegt Van Dijk. ‘De situatie is niet veranderd, we werken nog steeds vanuit thuis.’ Zo’n 85 medewerkers van het instituut vulden de vragenlijst in.

Hij heeft een brede kijk op het onderwijs, gezien zijn functies. Luc van Dijk is docent marketing bij de opleiding Communicatie van de HU en bij Commerciële Economie van Windesheim. Daarnaast is hij voorzitter en onderwijsadviseur van het sectorbestuur Hoger Onderwijs bij CNV Connectief. En dan zit hij ook nog in de instituutsraad.

Enkele cijfers: bijna 60 procent vindt thuiswerken goed te combineren met taken thuis, bij 32 procent komt werk wel eens in de knel door de zorg voor kinderen of familie en 10 procent geeft aan dat het niet lukt om voldoende productief te zijn.

De aandacht voor arbo-maatregelen voor de thuiswerkplek is ‘te minimaal’

Onder die 10 procent schaart hij verschillende situaties. ‘Een kleine groep voelt zich neerslachtig of zelfs depressief omdat hun sociale leven is ingestort, ze weinig mensen zien. Dat zijn niet alleen de ouderen, er zitten ook jongere mensen tussen. Een tweede groep kan niet goed overweg met online tools, terwijl je niet even aan een collega kan vragen hoe het werkt. Weer anderen zitten met de thuissituatie in de knel: niet alleen ouders met kinderen maar ook degenen die de zorg hebben voor bijvoorbeeld hun ouders.’

Broodje

We moeten ons ervan bewust zijn dat mensen zich in zo’n thuissituatie kunnen bevinden, zegt Van Dijk. Bij het Instituut voor Communicatie nuttigen de docenten en ander personeel maandelijks gezamenlijk virtueel een broodje met elkaar, waarbij ook de uitkomsten van deze enquête zijn besproken.

Een andere opvallende uitkomst is dat sommigen zeggen ‘tekort te schieten’ in zowel werk als privé. ‘Op het moment van de enquête moest er veel gebeuren. Het omschakelen van fysiek naar digitaal onderwijs heeft heel veel tijd gekost. Het weekend en ’s avonds was vaak geen vrije tijd omdat er werd overgewerkt.’

Die piek is zo ongeveer achter de rug. ‘Gemiddeld genomen komt men steeds beter in het ritme. Het weekend is weer weekend geworden en medewerkers houden zich grosso modo aan de uren waarvoor ze zijn aangenomen. Dat is inmiddels wel veranderd.’

Om dit te staven, zet de instituutsraad voor de zomervakantie nog een tweede enquête uit. Daar uit moet blijken of er nog nieuwe aandachtspunten zijn.

Lees ook: Annegien ‘Ik wil ook graag weer naar school omdat ik thuis niet zoveel concentratie heb’

De aandacht voor arbo-maatregelen voor de thuiswerkplek is ‘te minimaal’, is een andere conclusie. Alleen mensen met een aangepaste stoel of specifieke apparaten mogen die op de HU ophalen. Velen werken aan weinig ergonomische keukentafels, met gevaar voor allerlei blessures. ‘Je kunt je voorstellen dat de fysiotherapeuten weer helemaal volgeboekt zitten’, zegt hij met gevoel voor ironie. ‘Mijn vrouw en ik werken thuis aan de keukentafel en zijn alle twee weer bij de fysio geweest.’

Bureaustoel

Omdat het thuiswerken nog enige tijd gaat duren, moeten werknemers thuis een goede werkplek hebben. ‘Medewerkers hebben hiervoor twee keer honderd euro extra gekregen en ik zou adviseren daar zeker in te investeren’, zegt hij. Mensen moeten zich daarvan bewust zijn en moeten aangeven als ze ergens mee zitten.

Zou iedereen een goede bureaustoel op de HU op moeten kunnen halen? ‘Ik denk dat dat wel het minst is wat de HU kan faciliteren’, meent hij. ‘Van vrienden weet ik dat bij sommige ministeries en bedrijven het gebruikelijk is dat medewerkers kunnen kiezen: of ze halen hun stoel zelf op of ze worden thuisgebracht.’

‘Digitaal onderwijs scheelt studenten veel tijd en stress’

Collegevoorzitter Jan Bogerd zei eerder dat we nog jaren niet met z’n allen terug kunnen in de gebouwen van de HU en dat een mix van fysiek en afstandsonderwijs een blijvertje is. Heeft Van Dijk als CNV-adviseur hoger onderwijs nog ideeën over hoe dat vorm moet krijgen? ‘Een goede vraag’, reageert hij. Het is een van de vragen van een enquête die hij gisteren heeft uitgezet voor CNV Onderwijs.

Grote tuin

Luc van Dijk: ‘Zelf denk ik dat medewerkers goed gefaciliteerd moeten worden in thuiswerken en dat duidelijk moet zijn hoe we elkaar fysiek kunnen spreken. Want daar liggen zeker nog mogelijkheden. Als instituutsraad spreken we bijvoorbeeld als afsluiting van het jaar bij iemand thuis af. Zij hebben een grote tuin en daar hebben we de afsluitende vergadering met na afloop een hapje en een drankje. We zorgen ervoor dat we 1,5 meter uit elkaar kunnen blijven. Volgens ons mag dat eind van het studiejaar volgens de RIVM-richtlijn. Het zou mooi zijn als dit soort bijeenkomsten straks ook weer in de gebouwen van de HU kunnen.’

Het digitaal lesgeven en dito begeleiden van studenten heeft de afgelopen tijd een enorme vlucht genomen. Medewerkers hebben hier veel van geleerd en het zou zonde zijn deze ervaring straks onbenut te laten, meent hij. ‘Het digitaal onderwijs en vergaderen werkt als een tierelier. Ik was zojuist in een meeting met internationale collega’s en straks ga ik vanuit mijn huis digitale voorlichting geven over het afstudeerjaar aan communicatiestudenten. Dat digitaal vergaderen en college geven gaan we erin houden.’

Voordelen

Ook voor het onderwijs zijn voordelen te behalen. ‘Het kan heel efficiënt zijn om als student niet meer de hele dag of avond naar een locatie te moeten om aan onderwijs deel te nemen maar dat je dat vanuit thuis kan volgen. Dat scheelt je veel tijd en stress. Dat is een positief gevolg van deze nare crisis.’

Ook interessant: ‘Als dit zo blijft, zoek ik een andere baan.’ De keerzijde van digitaal lesgeven

Volg ons op Instagram
Reageer!
Reageer!
Deel via...

Geef een reactie Let bij het reageren op onze spelregels.

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *