De Nobelprijs voor de scheikunde gaat naar de Fransman Henri Kagan en de Japanner Kenso Soai. Zij ontdekten hoe je één variant van een organisch molecuul kunt maken, zonder het ‘ongewenste spiegelbeeld‘.
Zoals een linkerhand het spiegelbeeld is van een rechterhand, bestaan sommige moleculen in twee varianten. Ons lichaam gebruikt bijvoorbeeld van aminozuren meestal maar één variant.
Kagan liet in 1986 zien dat katalysatoren ervoor kunnen zorgen dat vooral één variant ontstaat. In 2003 zette Soai een belangrijke vervolgstap: hij ontdekte dat een kleine voorsprong van één variant ervoor kan zorgen dat die uiteindelijk de spiegelbeeldvariant verdringt.
De ontdekking is belangrijk voor onder meer de ontwikkeling van medicijnen. Van sommige moleculen kan het spiegelbeeld schadelijk zijn.
De Nobelprijs bedraagt dit jaar 12 miljoen Zweedse kronen, ruim één miljoen euro. De winnaars delen het bedrag.
HOP, Bas Belleman


