Gemeenteraadsverkiezingen 2026

Waarom je de studenten stem niet terugziet in studentenstad Utrecht

De Neude in Utrecht. Foto: Kees Rutten

Vandaag worden de zetels definitief verdeeld tussen de politieke partijen van Utrecht. Er zit weinig student bij, hoewel die wel degelijk de zetels bekleden. Wat gaat hier mis? En wat kun je daaraan doen, als student?

Utrecht staat bol van de studenten. Ongeveer 43 procent van de stadis jonger dan 35 jaar.  en alleen al aan Hogeschool Utrecht studeren zo’n 37.000 studenten.

Toch zie je die groep nauwelijks terug in de lokale politiek. En ook na de voorlopige uitslag van de gemeenteraadsverkiezingen lijkt daar weinig in te veranderen: studenten blijven grotendeels afwezig in de gemeenteraad.

Nauwelijks verschuiving

Donderdag 26 maart worden de definitieve zetels van de Utrechtse gemeenteraadsverkiezingen bekend. De voorlopige zetelverdeling laat zien dat de machtsverhoudingen in Utrecht maar beperkt zijn veranderd ten opzichte van 2022. GroenLinks-PvdA blijft de grootste met ongeveer 14 zetels (+1), gevolgd door D66 met ongeveer 9 zetels (+1). De VVD blijft stabiel op 5 zetels.

Student & Starter behaalt opnieuw slechts 1 zetel en verliest zelfs terrein ten opzichte van 2022.

Ter vergelijking: in 2022 bestond de raad uit partijen als GroenLinks (9 zetels), D66 (8), VVD (5), PvdA (4) en meerdere kleinere partijen. De conclusie na 2026 is daarmee duidelijk: ondanks een groeiende studentenpopulatie en meer aandacht voor jongeren, blijft hun directe vertegenwoordiging in de raad minimaal.

Studenten op wel de lijst

Het gekke is: studenten ontbreken zeker niet op de kandidatenlijsten. Vrijwel alle partijen hebben ze op de lijst staan. ChristenUnie, GroenLinks-PvdA en EenUtrecht hebben er meerdere , de andere partijen één of twee.

Toch vertaalt die aanwezigheid zich nauwelijks naar zetels. Volgens lijsttrekker Lars van Rooij van Student & Starter komt dat doordat studenten bij traditionele partijen niet op verkiesbare plekken staan.

‘Dan heb je misschien één student op plek twaalf. Dat is leuk voor de vorm, maar daar houdt het ook wel een beetje op,’ zegt hij. De verkiezingsuitslag van 2026 bevestigt dat beeld: studenten zijn zichtbaar op papier, maar nauwelijks in de uiteindelijke machtsverdeling.

Een stad die niet op zichzelf lijkt

‘Utrecht is echt een studentenstad, maar dat zag je totaal niet terug in het beleid,’ Dat was voor Steven Menke aanleiding om in 2013 Student & Starter op te richten. Hij zag een stad die in de praktijk draaide op studenten, maar waarin hun stem nauwelijks doorklonk.

 ‘We dachten: waarom komen wij niet gewoon zelf op, vanuit ons perspectief als student?’ Ruim tien jaar later is die reden nog steeds actueel.

Ander perspectief

Richten die studentenpartijen zich alleen op studenten. Volgens Wouter van Hartskamp, recent afgestudeerde en actief bij D66 Utrecht, niet. ‘Ze worden soms gezien als een soort one-issue partij, maar in Utrecht zijn ze eigenlijk best breed,’ zegt hij.

‘Het zit hem vooral in het perspectief’, meent lijsttrekker Lars van Rooij. Studenten kijken anders naar de stad, omdat zij die op een andere manier ervaren, bijvoorbeeld door tijdelijke huurcontracten, studieschulden, mentale druk en hun intensieve gebruik van de stad.Juist daarom is het volgens hem belangrijk dat studenten zelf vertegenwoordigd zijn in de politiek. ‘Je moet niet praten over studenten, maar ze zelf aan tafel hebben,’ zegt Van Rooij.

Ze gaan niet stemmen

Waarom vertaalt die grote groep zich dan niet naar de politieke macht? Dat ligt  grotendeels aan henzelf . Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2022 lag de opkomst in Utrecht op 56,3 procent. Onder de 18- tot 34-jarigen was dat : 44 procent..

Dat verschil werkt direct door in de uitslag van 2026. ‘Jongeren zijn de doelgroep die het minst gaan stemmen’, zegt Van Rooij. En dat terwijl hun potentiële invloed groot is. Met 10.000 tot 15.000 stemgerechtigde HU-studenten alleen al kan deze groep in theorie meerdere zetels beïnvloeden.

Zelf een partij beginnen

Voor studenten die verder willen gaan dan stemmen, is er nog een optie: zelf een partij oprichten, zoals Menke. Volgens hem is dat minder ingewikkeld dan gedacht. Het begint met een groep.

‘We begonnen met ongeveer twintig man,’ zegt hij. Daarna volgen praktische stappen: een programma schrijven, de partij registeren, een kandidatenlijst indienen en campagne voeren. Studentenpartijen richten zich daarbij vaak op campussen en verenigingen, plekken waar hun achterban zit. Volgens Menke is vooral dat cruciaal: ‘Je moet gedragen worden door een groep.’