Willem en Gaby Platenkamp rijden 7.000 kilometer voor een ziekenhuisje in Gambia (ondanks gevaar en ongemak)

'Mijn vrienden zeggen “Je bent toch met je vader?” maar als zo’n kerel mij ziet zitten, heeft hij daar misschien lak aan.’

Foto: Kees Rutten

‘Gaby, wil je met mij 23 dagen in een auto zitten, en ons door gevaarlijke conflictgebieden, rivieren en zandstormen heen ploeteren?’

Het was vast een andere vraag waarmee Willem zijn dochter hiertoe verleidde. Haar antwoord was namelijk volmondig ‘ja’. Inmiddels zijn ze druk bezig met de voorbereidingen van hun avontuur. Het doel? Een auto en geld brengen naar mensen die het hoogstwaarschijnlijk harder nodig hebben dan wij in Nederland.

Willem Platenkamp (58) werkt al twintig jaar bij de HU, inmiddels als facilitymanager op heidelberglaan 15. Knap als je hem niet kent. Gaby (28) studeerde hier zeven jaar geleden af en werkt nu als verpleegkundige op de afdeling neonatologie op het AMC. Ze is niet per se dol op die piepkleine baby’s. ‘Maar het zijn van die unieke puzzeltjes die ik moet oplossen.’

Willem stond al eerder in Trajectum. Toen vertelde hij over zijn afkeer van foto’s van zichzelf, zijn liefde voor zijn dochter (‘mijn prinses’) en de reden waarom hij elk jaar naar Gambia gaat. ‘Mijn idee was om op mijn 58e te gaan wonen op Bali of in Gambia, maar het leven loopt soms anders.’

Waarom willen jullie samen zevenduizend kilometer gaan rijden?

Willem: ‘Het was papa’s ideetje, ik zag de actie op Facebook. We gaan ieder jaar op vakantie, dus waarom nu niet vijf weken, voor een goed doel?  We kopen een auto, laten die daar veilen en het geld is voor het ziekenhuis. Ik ken de directeur van de stichting* die dit organiseert. Ze is bekwaam en zal al het geld dat binnenkomt besteden aan de aanschaf van een röntgenapparaat.’

Willem vertelt, ontspannen en gesticulerend. ‘Die mensen daar hebben een levensverwachting van 55 jaar. Veel kinderen sterven bij de geboorte, vrouwen in het kraambed en als je een ongeluk krijgt moet je zelf op zoek naar een bloeddonor. Nou dat gaat altijd mis, want bijna niemand kent zijn eigen bloedgroep. Ze hebben één apparaat voor nierdialyse, maar als de stroom een keer uitvalt, is het einde verhaal. Of ze ongelukkiger zijn dan wij? In tegendeel. Ze zijn blij met de kleine dingetjes en weten niet beter. En mango’s plukken ze zó uit de boom. Slimme Gambianen trekken naar het buitenland, dat wel.’

Worden ze niet ongelukkig van al die lichamelijke ongemakken?

‘Dat is het enige wat ik meeneem: paracetamol. Dat kost bij ons 80 cent en daar 3 euro. Terwijl ze gemiddeld maar dertig euro per maand verdienen. Ze bezitten niks, maar je mag altijd blijven eten. Ik neem trouwens ook oude brillen van Eye-Wish mee, want al die Gambianen zijn blind. Zon en diabetes. Ze drinken de hele dag door thee waar acht klontjes suiker in zitten.  Ze hebben allemaal bruine tanden. 95 procent is moslim, vrouwen mogen officieel niet meer besneden worden, maar in dorpen gebeurt het wel. Zij doen alles in huis, de mannen luieren. Al die vrouwen hebben minstens tien pruiken, want van zichzelf hebben ze heel kort kroeshaar. Ze zijn ijdel, hoor!’

Gaby werkte na haar opleiding een half jaar in een ziekenhuis in Tanzania.

‘Kleren die hier worden gesteriliseerd hingen daar te wapperen aan de waslijn. De ramen van de operatiekamer stonden open en als er iets mis was, kwam de directrice binnenwandelen op haar vieze crocs. Op een dag moesten we een keizersnee verrichten, terwijl de ruggenprikspecialist op vakantie was. “Ik weet wel hoe dat moet, zei een verpleegkundige naast mij luchtigjes. Ze streek even langs die ruggengraad en zette de prik verkeerd. Die vrouw heeft het uitgeschreeuwd van de pijn. Het kindje dat eruit kwam bleef stil. “Waarom huilt dit kind niet?” vroeg ik me trillend af. Ik zoog het neusje uit met een onhandig pipetje terwijl ik me afvroeg wat er nog meer mis kon zijn. Toen begon het te huilen. En ik huilde mee van opluchting.’

Willem: ‘Die vrouwen willen allemaal een kind van een blanke man hè? Een kind met een lichtere kleur geeft aanzien. En financiële zekerheid, als ze de man aan zich weten te binden.’

Wat wordt het gevaarlijkste van de reis?

‘Het eerste stuk naar Zuid-Spanje is een eitje, over de snelweg. Dan steken we met de boot de straat van Gibraltar over, naar Marokko. En dan komen we in de Sahara vast een keer vast te zitten in het zand en we zullen ongetwijfeld een keer natte voeten krijgen bij het oversteken van een rivier. Mauritanië is gevaarlijk. Daar zullen we begeleid worden door het leger en in patrouille rijden.’

Gaby: ‘Dat stukje is het enige waar ik me zorgen over maak. Mijn vrienden zeggen “Je bent toch met je vader?” maar als zo’n kerel mij ziet zitten, heeft hij daar misschien lak aan.’

Willem: ‘We nemen wel wat contant geld mee, om mensen om te kopen. Als je kunt kiezen tussen twee dagen stilstaan of meteen wegrijden voor veertig euro is de keuze snel gemaakt toch?’

Gaby: ‘Dat vind ik fijn aan mijn vader. Hij blijft altijd rustig en opgewekt. Hij is een allemansvriend, maakt met iedereen een praatje, dat duurt me soms te lang.’

Willem: ‘Ik maak alleen praatjes als ik iemand nodig heb. Als  er niks te halen valt, ben ik snel uitgepraat. Wat ik leuk vind aan Gaby? Dat ik haar 29 jaar geleden heb gemaakt, hè? Gaby is ook gezellig, altijd opgewekt. Behalve ’s ochtends, dan moet je d’r een half uur met rust laten. “Koffie?” is dan het enige wat ik vraag.

Gaby: ‘En jij snurkt. Dat wordt nog wel een probleem! Oordoppen mee, sowieso.’

Willem: ‘We gaan niks boeken. Er gaat een tent mee en we zullen af en toe een hotel boeken voor de rust. Maar in het zuiden zal dat ingewikkeld worden. Daarom wil je er niet te laat in de avond aankomen, we zullen rond zes uur opstaan iedere dag. Over het eten maak ik me geen zorgen. In Afrika eten ze veel vlees en vis. Gaby is vegetariër, maar zal dat even moeten los laten die vijf weken.’

Willem en Gaby appen elkaar al jaren elke dag en spreken elkaar wekelijks, vooral in de auto om tien uur ‘savonds als zij naar haar nachtdienst rijdt. Na die 23 dagen, wanneer ze hun auto zullen hebben ingeleverd, willen ze nog een weekje rondtrekken. ‘Als we elkaar dan nog kunnen uitstaan’, grapt Willem Daarna vliegen ze terug.

Ze betalen alles zelf. Het geld wat ze inzamelen via hun site is voor het ziekenhuis. Doneren kan hier.

*Stichting Lamin Health Center is opgericht met behulp van organisaties die willen bijdragen aan een beter leven voor kansarmen in de wereld. Er vertrekken twaalf auto’s naar Gambia. Vertrekdatum is 8 april, tot die tijd kunnen deelnemers zich voorbereiden.

Ook interessant: Vraag aan Fanny. Hoe ga ik duurzaam op vakantie?

Volg ons op Instagram
Reageer!
Reageer!
Deel via...

Geef een antwoord Let bij het reageren op onze spelregels.

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *