Schaal 10 blijft een hoofdpijndossier aan de Hogeschool Utrecht. De Hogeschoolraad stemde tegen het voorstel van het college van bestuur. Daarmee zit het cvb klem tussen de adviezen van HR en het verzet van de medezeggenschap.
Het dossier sleept al jaren. Aanleiding was de nieuwe cao in 2023. Wie zich bezighield met onderwijsontwikkeling, hoorde voortaan thuis in schaal 11, stond daarin. Dat had als gevolg dat zo’n driehonderd medewerkers in schaal 10 werden doorgelicht. Het resultaat: het merendeel daarvan stroomde door naar schaal 11. Slechts 54 voltijds banen zitten nog in schaal 10.
Het cao-artikel schrijft voor dat docenten in schaal 11 thuishoren als zij zich bezighouden met onderwijsontwikkeling en/of taken uitvoeren waarvoor een volledige en overdraagbare BDB (inclusief geïntegreerde BKE) vereist is.
HSR kritisch
Om te voorkomen dat nieuwe medewerkers ten onrechte in schaal 10 zouden belanden, moesten het functieprofiel van schaal 10 op de schop. Volgens die cao ben je in schaal 10 geen docent. Pas wanneer je bijvoorbeeld toetsen afneemt, stages begeleidt of je met onderwijsontwikkeling bezighoudt hoor je thuis in schaal 11. Het verschil tussen het minimum in schaal 10 en het minimum van schaal 11 is 864 euro.
De afdeling HR werkte het herziende profiel uit en presenteerde die eind vorig jaar: schaal 10 kreeg de functietitel ‘opleider’. Het college van bestuur legde ze voor aan de Hogeschoolraad.
De raad reageerde kritisch, eind november, en wenste duidelijker omschreven grenzen tussen schaal 10 en 11. Pas dan zou er geen twijfel meer bestaan over wie waar thuishoorde. Op verzoek van het cvb kwam de HSR daartoe met een aantal voorstellen voor die beschrijving.
‘Niet dichttimmeren’
‘We nemen geen van de voorstellen over’, was de reactie van cvb-lid Gerard van Assem op 11 maart. Het argument van HR was dat je het functieprofiel ‘niet moest dichttimmeren’. Het cvb blijft daarom bij haar oude voorstel.
Een week later stemde de HSR daar tegen. Voorzitter Rinne Post bleef erbij: ‘Het onderscheid tussen schaal 10 en 11 moet duidelijker. De HSR vond op zijn minst dat de verwijzingen naar beoordelingen, coördinerende taken en onderwijsontwikkeling uit schaal 10 moesten. ‘Die horen in schaal 11.’
HSR en HR niet met elkaar eens
In de beschrijving van schaal 10 van HR stond bijvoorbeeld dat je als ‘opleider’ mag optreden als tweede beoordelaar bij mondelinge toetsen. En in sommige gevallen ook werk mag nakijken, mits er geen interpretatieverschillen mogelijk zijn. Voor de HSR gaat dat te ver: dat komt te veel tegen docenttaken aan.
HR wuift dat bezwaar weg: het is ‘niet reëel’ dat medewerkers per abuis in schaal 10 worden ingedeeld. ‘Door dicht bij de cao-afspraken te blijven, zorgen we juist voor een goede toepassing en eerlijke inschaling van onze opleiders en docenten.’
Nieuw functiehuis
Voorlopig staat de herziening van schaal 10 op pauze en is er drie jaar na de cao-afspraak nog altijd geen definitief profiel. De vraag is of het cvb een middenweg weet te vinden tussen HR en de HSR. Of dat de werkelijkheid hen inhaalt. Want met een nieuw functiehuis in aantocht is het onvermijdelijk dat schaal 10 uiteindelijk toch opnieuw zal worden beschreven.
Want het huidige functiehuis van de HU, waarin alle functies en bijbehorende beloningen zijn vastgelegd, stamt uit 2007. Binnen de Vereniging Hogescholen loopt momenteel een onderzoek naar de schalen 10 tot en met 13. Van Assem zei op 11 maart ‘heel nieuwsgierig’ te zijn naar de uitkomsten.
HR kijkt eveneens uit naar het onderzoek, maar zonder uitgesproken voorkeur. ‘Zodra het adviesrapport beschikbaar is en de nieuwe HR-directeur is gestart, bepalen we samen welke vervolgstappen passend zijn.’


