Studenten die mantelzorg verlenen, kunnen vanaf studiejaar 2027-2028 aanspraak maken op extra begeleiding en een extra toetskans. Mantelzorg wordt dan expliciet opgenomen in de Onderwijs- en examenregeling (OER) van Hogeschool Utrecht.
Blij is hij. Hogeschoolraadvoorzitter Idris in ’t Hof kreeg het concept van de nieuwe Onderwijs- en examenregeling onder ogen. ‘De HSR heeft zich al langere tijd hardgemaakt voor meer ruimte voor studenten die door externe omstandigheden worden belemmerd in hun studie.’ Mantelzorg wordt toegevoegd aan het rijtje omstandigheden waarbij studenten in aanmerking kunnen komen voor een extra toetskans. Daarin staan onder meer ziekte, zwangerschap, ADHD, dyslexie en topsport.
Studenten moeten hun mantelzorg wel kunnen ‘aantonen’, staat in het concept. Hoe dat precies moet, wordt niet toegelicht. In ’t Hof en de rest van de hogeschoolraad verzamelen momenteel hun standpunten over de nieuwe OER. Aankomende woensdag gaat de raad hierover in gesprek met het college van bestuur. ‘We zijn blij dat mantelzorg erkenning krijgt. Tegelijkertijd bespreken we nog of het voldoende expliciet is opgenomen. Misschien kan het scherper’, zegt de HSR-voorzitter.
Of een duidelijke afbakening van het begrip mantelzorg daarbij helpt, vraagt hij zich af. ‘Aan de ene kant kan een kader fijn zijn. Studenten zien dan erkenning en het geeft richting. Aan de andere kant wil je ruimte houden voor maatwerk. Je wil niet dat iemand buiten de boot valt omdat die net niet aan de definitie voldoet.’
Wat staat er in de OER?
In de Onderwijs- en examenregeling (OER) staan de rechten en plichten van studenten. Zo is vastgelegd hoeveel studiepunten een vak oplevert en hoeveel toetskansen een student krijgt. De regeling geldt voor alle HU-studenten. Daarnaast heeft iedere opleiding een eigen OER, die is opgenomen in de studiegids. De hogeschool herziet de regeling ieder jaar. De hogeschoolraad stemt elk schooljaar over een nieuwe OER. Over een paar weken doet de Hogeschoolraad dat voor de OER voor 2027-2028. Eerst gaan ze nog in gesprek met het college van bestuur.
Al langer de wens
‘Heel tof’, vindt Megan Drienhuizen het dat mantelzorg een plek krijgt in de OER. Het HSR-lid van fractie Vlijmscherp pleitte bij de vorige herziening al voor opname van mantelzorg in de regeling. ‘Dat was toen nog niet gelukt, ondanks dat iedereen er positief over was.’ Juridische Zaken kon mantelzorg destijds niet op tijd in de OER verwerken. Het voorstel is echter niet vergeten en staat nu wel in de nieuwe regeling. ‘Daar zie je ook de kracht van de medezeggenschap. Je kunt vóórdat je instemming geeft al dingen voor elkaar krijgen.’
Woensdag luistert Drienhuizen nog kritisch naar de toelichting van het college van bestuur. Ze vraagt zich onder meer af waarom mantelzorg niet expliciet wordt genoemd in het rijtje persoonlijke omstandigheden waardoor studenten mogelijk te weinig studiepunten halen. Familieomstandigheden staan daar wel in, maar mantelzorg vindt niet altijd binnen de familie plaats. ‘Ik ben benieuwd naar de uitleg van het college.’
Negenduizend mantelzorgers
Eén op de vier jongeren verleent mantelzorg, blijkt uit onderzoek van de Hanzehogeschool. Dat zou betekenen dat ook een aanzienlijk deel van de HU-studenten ermee te maken heeft. Bij een studentenpopulatie van 37.000 komt dat neer op ongeveer 9.250 studenten.
Van de jonge mantelzorgers helpt 85 procent een familielid. De overige 15 procent zorgt voor bijvoorbeeld een vriend of buur. Toch herkent slechts 9 procent zichzelf als mantelzorger. Eén op de vier studenten die mantelzorg verlenen zeggen minstens één keer per maand te weinig tijd te hebben voor de studie. Slechts één op de vijf bespreekt de mantelzorg met de opleiding.
Hoe zorg je ervoor dat de regeling ook de studenten bereikt die er gebruik van kunnen maken? Volgens Driehuizen ligt daar een taak voor de HU. ‘De hogeschool heeft de plicht om studenten goed te informeren en door te verwijzen naar de juiste informatie. Ik hoop dat het een goede, vindbare plek krijgt, bijvoorbeeld op het platform HU&IK.’


