Na de luchtaanvallen van de VS en Israël op Iran is de onrust voelbaar, ook binnen de HU. Collega’s en studenten met Iraanse wortels leven vol zorgen om familie en vrienden. Niusha Froozesh probeert haar werk en leven hier voort te zetten, terwijl het nieuws uit haar vaderland alles overheerst.
Op 28 februari vielen de VS en Israël Iran aan met luchtaanvallen, waarbij de hoogste leider omkwam en duizenden mensen werden gedood, zowel militairen als burgers. In de Westerse wereld wisten mensen even niet wat te denken: ja, dit was een schending van het internationale recht. Maar was dit ook een kans voor een groot deel van de Iraanse bevolking, dat al jaren snakt naar meer democratische rechten? Iraans HU-medewerker Niusha Froozesh (33) is voorzichtig hoopvol gestemd.
Collega’s en studenten met Iraanse wortels volgen dagelijks het nieuws en wachten met smacht op een belletje of berichtje met een teken van leven van hun familieleden, geliefden en vrienden. Momenteel heeft het regime in Iran alle communicatie platgelegd. Froozesh vertelt hoe ze omgaat met deze realiteit.
Gevlucht uit Iran
Ze was acht toen ze met haar ouders vluchtte voor het regime. Haar herinneringen aan Iran zijn bitterzoet. ‘Ik denk terug aan de wekelijkse feesten bij ons’, vertelde ze aan Trajectum in 2022. De geur van jasmijn, bandari-muziek en het dansen. Maar het was allemaal verboden. Op school moest ik een hoofddoek op. Die was warm, duwde tegen de onderkant van mijn kin en jeukte.’
‘Dit verhaal moet niet om mij gaan’, vond ze toen al. Maar Niusha weet alles nog. Ze liep met haar ouders drie weken non-stop naar Nederland. Kilometers ploeteren door de bossen van Bosnië en Kroatië, illegale ritten in vrachtwagens, niet wetende waar ze terecht zouden komen. ‘Ik had het koud en was heel bang.’
Daarna Ter Apel: dagelijks tien uur lang op een bankje zitten, met twee keer per dag een boterham, een pakje melk en een appel. ‘Ik werd gefouilleerd: dat vond ik het engst.’
Twee werelden
‘Het zijn rare tijden van angst, woede en toch ook hoop’, vertelt Niusha. ‘Angstig, omdat we niet weten hoe het met familie en vrienden in Iran gaat. Woede, omdat er zoveel misverstanden zijn over de situatie in Iran, zoveel onrecht en leed.’
‘Overdag probeer ik me te richten op mijn leven hier, want dat gaat gewoon door. Werk zie ik als afleiding. Ik vind het lastig als collega’s vragen hoe het met me gaat, het antwoord daarop is niet kort en simpel. Dus ik kies ervoor om te knikken en te zeggen dat het goed gaat. Soms verander ik bewust van onderwerp, omdat ik het niet op kan brengen om weer zo’n kort antwoord te geven. Want dan voel ik me schuldig, een kort antwoord doet de situatie en de mensen in Iran geen recht.’
Iraniërs in Nederland voelen zich ver weg en vaak machteloos. Niusha heeft last van overlevingsschuld. ‘Dus dan ga je kijken wat je hier allemaal kunt doen, om de stem van het Iraanse volk te laten horen, ondanks de communicatie-blokkade. Het is prettig naar demonstraties te gaan, andere Iraniërs te zien. We hoeven elkaar alleen aan te kijken, en dan zegt zo’n blik al duizend woorden.’

Een magazine
Naast petities, demonstraties en wakes zijn er nog andere initiatieven voor Iran. Niusha heeft samen met vrienden een magazine opgericht, met schilderijen van onafhankelijke kunstenaars uit Iran die hun werk kwijt zijn geraakt.
The Uncounted One laat kunstwerken zien die worden begeleid door verhalen vanuit Iran. Ze geven een inkijkje in de gebeurtenissen rond het bloedbad van januari 2026. Het regime had op dat moment zowel internet als telefonie platgelegd.
‘Kunst inspireert, heelt en brengt mensen samen’, is Niusha’s overtuiging. ‘Iraanse kunstenaars hebben nu moeite om van hun talent rond te komen. Deze campagne is er om ze te helpen blijven creëren. Want dat is cruciaal, in deze nachtmerrie. Door hun verhalen te delen en een donatie te doen, help je de stem van Iran in leven te houden.’ Doneren kan via WhyDonateer.


