Dikke stress voelt Noa elke keer als het tweede semester begint. Geldt dat ook voor andere studenten? Wat vertellen de cijfers en wat zegt de onderwijsdeskundige ervan? Ze zocht het uit.
Het weer klaart op, per week staan er meer terrastafeltjes buiten en langzamerhand dwalen mijn gedachten af naar de zomervakantie. Ik heb steeds meer afleiding en tegelijk stapelen de openstaande herkansingen en de hoeveelheid opdrachten zich op. Help. Ben ik de enige die dit zo ervaart?

Ik vraag de data-expert van de HU om de cijfers in Osiris. En ja hoor: in het tweede semester vallen er veel meer uit. Tussen september en januari valt 1 tot 6 procent van de studenten uit. In de periode van februari tot en met augustus loopt dat percentage op tot bijna 17 procent.
‘Qua aantallen klopt het dus zeker dat er in periode B meer studenten uitvallen’, ziet ook Herbert Wubben, datadeskundige aan de HU. ‘Maar dat heeft ook met studiefinanciering te maken. Als je je in februari uitschrijft, krijg je je geld namelijk nog terug.’ Wubben vindt dus niet dat je die cijfers één op één mag koppelen aan het feit dat studenten het na de kerstvakantie allemaal veel zwaarder vinden.’
Minder begeleiding
Ik vraag het HU-student Senna (19), omdat ik weet dat ze stopte in het tweede jaar. ‘Het eerste halfjaar was nog prima te doen’, vertelt ze. ‘De vakken waren overzichtelijker en mijn docenten hielpen me actief op weg.’ Daarna werd ze in het diepe gegooid, vindt ze. Door de stress die haar dat opleverde, besloot ze zich zelfs uit te schrijven van de opleiding. Ze stapte over van Journalistiek naar Event Management.
Anne (27 en Asya (22) herkennen dat: het tweede semester valt tegen. Ze zitten nu in hun derde jaar van Medische Hulpverlening. ‘Begeleiding is er heus wel’, vertelt Anna. ‘Er zijn leerteams waarin je je problemen kunt bespreken. Maar daar moet je je wel voor inschrijven. Aysa vult aan: ‘Als we dat niet doen, krijgen we geen hulp.’

Een van de problemen in het tweede semester is de toenemende studiedruk. ‘Het voelt alsof je dan moet compenseren voor de eerste periode. Als het eerste halfjaar al niet heel soepel verliep, moet je daarna aanpoten en dat geeft stress’, benoemt Senna. Vooral herkansingen maken het zwaar. ‘De stof is vaak al weggezakt, waardoor je opnieuw moet beginnen. Terwijl je al bezig bent met je huidige vakken.’
Herkansingen lopen door
‘Het is vooral de opeenstapeling van factoren die deze periode pittig maakt.’ Senior onderzoeker studiesucces Rick Ikkersheim werkte jarenlang bij Hogeschool Utrecht aan studiesucces en studentenuitval. Volgens hem ligt de zwaarte van het tweede semester ook niet zozeer aan de inhoud.
‘Herkansingen uit het eerste semester lopen door, terwijl het reguliere programma onverminderd doorgaat. Daardoor moeten studenten meer tegelijk in de lucht houden. Wie eerder achterstanden opliep, haalt het steeds moeilijker in: het zogenaamde sneeuwbaleffect.’
Dertig studiepunten
Vaak valt het laatste blok van het semester samen met de stageperiode. Anna en Senna volgen drie dagen per week stage en een dag onderwijs. Anna: ‘De stagedagen zijn pittig, ik moet er vroeg voor opstaan. Die vierde onderwijsdag voelt dan heel zwaar.’ Asya: ‘Bovendien krijgen we zoveel opdrachten tijdens onze stage. Die werkdruk is met niets te vergelijken.’

Ze werken met portfolio’s en krijgen voor een halfjaar dertig studiepunten. ‘Als je iets mist, kun je het hele semester op je buik schrijven’, vertelt Anne. Vorig jaar moest ze tijdens diezelfde stageperiode ook nog een tentamen van het eerste semester herkansen.
En daar gaat het knellen, ziet Ikkersheim. Volgens hem vergroot de inrichting van het onderwijs de druk in het tweede semester. ‘Bij grote onderwijseenheden, zoals deze portfolio’s van dertig studiepunten, heeft één gemist onderdeel grote gevolgen. Bovendien werkt het demotiverend. Studenten leveren veel inspanning, maar zien geen resultaat.’
Twijfels slaan toe
Aan het begin van het semester, direct na de lange zomervakantie, vindt nog geen directe confrontatie met de opleiding plaats. Studenten richten zich in deze periode vooral op het hervatten van hun ritme en het opnieuw vertrouwd raken met de lesstof.
Anne stopte met haar opleiding in blok C. ‘Na de kerstvakantie realiseerde ik me dat de stof me niet genoeg interesseerde. En dat is precies het effect van het tweede semester’, meent ze. ‘Het einde van het studiejaar nadert en je kijkt meer naar komende studiejaren. In deze periode neem je je twijfels serieuzer.’
‘Het kwam niet eens in me op dat ik me in februari uit kon schrijven’, vertelt Senna. In de herfst was ik nog enthousiast over mijn studiekeuze en keek ik uit naar mijn nieuwe vakken.’ Drie maanden later sloeg de twijfel toe en in april schreef ze zich alsnog uit. ‘Dat heeft me onnodig heel veel geld gekost en uiteindelijk ook heel veel stress.’

Motivatie na de zomer?
Na de zomer begon Senna aan haar nieuwe opleiding aan de HU in Amersfoort. Ze is tevreden over haar keuze, maar merkt dat de spanning alweer oploopt nu het volgende blok nadert. ‘We gaan weer richting het einde van het jaar en daarmee ook de zomer. Mijn hoofd zit vol met leuke dingen doen. Als mijn vrienden op het terras zitten vind ik het lastig om nee te zeggen.’ In de winter is het gemakkelijker binnen te blijven met een kop thee.
Anne ervaart het onderwijs vlak na de zomer ook als rustiger. ‘Ik ben dan na de grote vakantie een stuk frisser en dat maakt het gemakkelijker om nieuwe vakken op te pakken en gemotiveerd te blijven. Dat gevoel ebt weg naarmate het studiejaar vordert.
Volgens Ikkersheim werkt dat juist anders. ‘Je denkt dat motivatie de basis is voor studiesucces, maar dat werkt andersom. Succes is een belangrijke motor voor motivatie. Wanneer studenten in een semester weinig studiepunten halen, tast dat hun vertrouwen aan en wordt het lastiger om aangehaakt te blijven. Twijfels over de opleiding nemen dan toe, zeker wanneer het einde van het studiejaar nadert.’

De rol van de HU
Volgens deze studenten ligt de oplossing voor een gedeelte bij hun opleiding. Senna merkt dat haar docenten onvoldoende zicht hebben op de totale werkdruk waarmee ze te maken krijgt. ‘Ze geven meestal maar één vak en zien dat als het belangrijkste’, zegt ze. ‘Maar ze hebben niet altijd door dat je ondertussen ook nog met andere vakken bezig bent. Die optelsom van deadlines, herkansingen en stages maakt het tweede semester te zwaar.’
‘Opleidingen zouden niet alleen per vak moeten kijken naar inhoud en deadlines’, vindt ook Ikkersheim. ‘Maar naar het geheel van het curriculum. We verwachten veel zelfregulatie van studenten die daar lang niet altijd op zijn voorbereid.
Volgens deze deskundige zou het helpen als docenten samen met hun studenten de deadlines indeelden. En zit de oplossing ook vooral in een betere spreiding van deadlines en herkansingen, en in meer continuïteit in begeleiding gedurende het hele jaar.


