Interview

Onderwijswetenschapper Pamela wil dat studenten beter leren voelen

Foto: Kees Rutten

Pamela den Heijer (43) is haptotherapeut, alumna van Hogeschool Utrecht en docent aan de Hogeschool van Rotterdam. Binnenkort gaat ze haar proefschrift verdedigen. De conclusie van dat onderzoek is dat docenten hun studenten moeten leren voelen. ‘Als je goed voelt, denk je beter’

Je wilt dat mensen over het algemeen meer gaan voelen, waarom is dat belangrijk?

‘Ik vind het ontwikkelen van gevoelsbewustzijn belangrijk. Je hoeft als hbo-docent of student geen expert te zijn in het voelen van je eigen gevoelens. Maar iets van bewustzijn is wel belangrijk. Als je je gevoelens onder het tapijt schuift, zoals velen doen, is dat een perfect recept voor een burn-out.’

Geldt dat voor iedereen?

‘Iedereen voelt altijd overal, bewust of onbewust. Of je aandacht wilt besteden aan je gevoelens, dat is aan jezelf. Ik ben er in ieder geval van overtuigd dat het van meerwaarde is. En ik wil iedereen de kans geven om diens eigen gevoelens te leren kennen. Specifiek wil ik graag diegenen bedienen die nogal cerebraal ingesteld zijn. Of juist zeer intuïtief. Voor beiden is het goed, om hun emotionele reacties en houding ten opzichte van bepaalde gebeurtenissen beter te leren kennen.

Was er in de wetenschappelijke kringen veel interesse in je onderzoek?

‘In Nederland genoeg. Maar in Duitsland, Amerika en Engeland ronduit veel. Daar heb ik gemakkelijk kunnen publiceren.’

Waarom moeten hogeschool-studenten meer gaan voelen?

‘Ze leren nu alleen denken. Maar als je een probleem moet oplossen of een dilemma hebt, krijg je je gevoelens er gratis bij. Die kunnen je beïnvloeden, in positieve of negatieve zin. En daar moet je je bewust van zijn. Pas dan kun je een afgewogen beslissing nemen.

Neem bijvoorbeeld student Verpleegkunde – laten we hem Henk noemen – met zijn patiënt in het ziekenhuis. Zijn onderbuikgevoel vertelt Henk dat de patiënt aanspraak nodig heeft voor zijn herstel. Maar het protocol schrijft isolatie voor. Dan heeft Henk dus een innerlijk conflict.’

En wat moet Henk dan doen?

‘Voordat hij een beslissing neemt, is het  belangrijk dat Henk de knoop in zijn maag onderzoekt. Wat zegt die knoop? Is het woede? Angst? Irritatie? Is het een prettige sensatie of onprettig?’

En dan?

‘Daarna moet hij zich afvragen: wat vertelt die prettige of onprettige situatie mij? Gaat dit voor mij over loyaliteit? Rechtvaardigheid? Respect? Betrouwbaarheid? Vrijheid? Als hij dat weet, weet hij aan welke persoonlijke waarden zijn gevoel raakt. Bijvoorbeeld “respect voor het belang van de client” of “loyaal zijn aan het protocol van het ziekenhuis”. Hij kan dan voor zichzelf bepalen welke persoonlijke waarde hij centraal stelt in deze situatie. Dat is anders dan het klakkeloos volgen van het protocol. Je handelen wordt dan bewuster.’ 

Maar eerst dus dat voelen?

‘Ja, op dat onderdeel heb ik mijn onderzoek gericht. Daarvoor heb ik 31 docenten en 50 studenten een voel-ervaring gegeven in drie verschillende studies. Dat heb ik gedaan door ze een conflict voor te leggen. In een van de studies ging het over diefstal. Stel, je staat bij de bakker en je ziet dat de klant voor je een brood steelt. Wat is dan je eerste gevoel? Daar begon ik mee.’

En?

‘Je ziet dan dat iedereen in de eerste instantie vermijdt over zijn gevoelens te praten. Het gaat meteen over de waarden, wat we ervan vinden. Dat is veiliger.’ 

Hoe vonden ze het dat je vroeg naar hun gevoelens?

‘De meesten vinden dat ergerlijk. Het roept weerstand op. Maar na een uur vonden ze het een verrijking omdat ze op een diepere laag met elkaar konden uitwisselen en elkaar konden begrijpen. Zelf leerde ik dat het belangrijk is om een ervaring in het moment aan te bieden en niet een ‘stel situatie’. En tijd te nemen om studenten naar hun gevoel te brengen.’

Hoe breng je je inzichten nu in het klaslokaal?

‘Om studenten aan te moedigen te voelen in het moment, geef ik ze bijvoorbeeld een ballon om op te zitten. Na een paar minuten vraag ik ze die weg te halen. Op dat moment voelen ze zichzelf als het ware in hun stoel zakken en daardoor voelen ze hun lichaam ineens veel beter.

In een andere oefening laat ik studenten in een lokaal  rondlopen en vraag hoe ze zich voelen. Vervolgens vraag ik ze om elkaar een hand te geven en vraag ik opnieuw hoe ze zich voelen. Daarna geef ik ze de opdracht om even erg naar binnen gericht te zijn door hun ogen te sluiten en vervolgens juist naar buiten gericht door de ruimte en elkaar te bekijken. En vervolgens wéér die hand. Door zo bezig te zijn voelen ze beter wat ze prettig en onprettig vinden; wel of niet een hand aan iemand geven. Precies de ervaring die Henk uit het voorbeeld zou helpen te herkennen wat die knoop in zijn buik hem zegt.

Wat helpt bij deze exercitie, is dat ik als docent openhartig ben over wat ík voel. Of ik angst voel, of juist blijheid, irritatie of verdriet. Dat moedigt anderen in de groep aan bij zichzelf te rade te gaan hoe dat voor hen is. Bovendien stimuleert het de zogenaamde gevoelstaal te ontwikkelen. De ene voelt snel angst, de ander juist irritatie. Door te horen hoe het voor anderen is, kunnen ze nagaan hoe dat voor henzelf was. Precies dat: het voorgaan en kwetsbaar zijn als docent en het belang van ontwikkelen van gevoelstaal kwam ook uit mijn onderzoek.’

Jij hebt dit soort oefeningen zelf honderden keren gedaan, voor je opleiding als haptotherapeut. Hoe vaak wil je dat studenten dit gaan doen, wil het effect sorteren?

‘Ik heb er vier jaar over gedaan om te leren dit naar het onderwijs te brengen. Studenten hoeven hier geen aparte lessen voor te krijgen. Integratie in het curriculum en de cultuur van de opleiding is belangrijk. Het belangrijkste is dat docenten het willen integreren in hun lessen. Dat ze bij wijze van spreken eens per maand zeggen: “Jongens, even de tafels aan de kant en laten we even voelen hoe dit voelt.” Want als je goed voelt, denk je beter.’

Pamela den Heijer schreef het proefschrift met de titel: A First Step in Teaching Students to Cope with Inward Involvement in a Value Conflict: The Design of Affective Learning Experiences. Het is in e-book vorm te lezen via: pamela_den_heijer (globalacademicpress.com). Op 29 november verdedigt Pamela haar proefschrift in Rotterdam. Het is online te volgen (link is beschikbaar vanaf 23 november):  Het ontwerp van affectieve leerervaringen – Universiteit van Amsterdam (uva.nl)

Pamela deed Fysiotherapie aan de Hogeschool Leiden, studeerde vervolgens Gezondheidswetenschappen aan de VU, daarna Fysiotherapiewetenschappen aan de UU, Onderwijskunde aan de UU en tenslotte de master Management en Education aan de HU. Ze woont in Den Haag.